Programma 2: Infrastructuur

Portefeuillehouder

Terug naar navigatie - Programma 2: Infrastructuur - Portefeuillehouder

Gedeputeerde M.A.C. de Vries

Inleiding

Terug naar navigatie - Programma 2: Infrastructuur - Inleiding

Leefkwaliteit en economische groei in Fryslân zijn sterk afhankelijk van goede verbindingen. Daarom zetten wij ons in voor een goed bereikbaar Fryslân, zowel nu en in de toekomst. Belangrijke aandachtspunten zijn het verbeteren van de verkeersveiligheid, het stimuleren van de fiets en het versterken van het (regionale) openbaar vervoer. Met dit programma geven we invulling aan onze ambities op het gebied van mobiliteit en infrastructuur. 

Vastgestelde beleidsnotities

Terug naar navigatie - Programma 2: Infrastructuur - Vastgestelde beleidsnotities

Verbonden partijen

Terug naar navigatie - Programma 2: Infrastructuur - Verbonden partijen

Onderstaande verbonden partijen leveren een bijdrage aan de doelen en resultaten van dit programma. Een nadere toelichting van de verbonden partijen staat in paragraaf 5 van deze begroting.

  • Coöperatie Openbare Verlichting & Energie Fryslân U.A. (OVEF), IJlst 
  • Gemeenschappelijke Regeling Mobiliteitsbureau Noordoost Friesland, Kollum

Overzicht lasten en baten programma 2 infrastructuur

Terug naar navigatie - Programma 2: Infrastructuur - Overzicht lasten en baten programma 2 infrastructuur
Exploitatie- Bedragen x € 1.000,-
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Lasten
2.1 Algemeen beleid en verkeersveiligheid
9.012
5.034
4.980
4.989
4.989
2.2 Verbetering infrastructuur
9.930
28.568
38.136
11.920
9.776
2.3 Instandhouding provinciale infrastructuur
40.974
37.954
40.503
42.168
44.626
2.4 Openbaar vervoer
86.522
93.257
93.932
88.784
82.357
Totaal lasten
146.438
164.813
177.551
147.861
141.748
Baten
2.1 Algemeen beleid en verkeersveiligheid
5.281
249
37
37
37
2.2 Verbetering infrastructuur
1.612
408
0
0
0
2.3 Instandhouding provinciale infrastructuur
1.434
1.434
1.434
1.004
1.004
2.4 Openbaar vervoer
5.809
10.345
5.136
3.748
3.851
Totaal baten
14.137
12.437
6.608
4.790
4.893
Saldo van lasten en baten
132.302
152.376
170.944
143.071
136.855

Toelichting
De toelichting op de grootste verschillen tussen de jaren is opgenomen bij de afzonderlijke beleidsvelden.

Beleidsveld 2.1. Algemeen beleid & verkeersveiligheid

Terug naar navigatie - - Beleidsveld 2.1. Algemeen beleid & verkeersveiligheid

Wat zien we?

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.1. Algemeen beleid & verkeersveiligheid - Wat zien we?

Dit beleidsveld richt zich primair op het gedrag van mensen in het verkeer. 

Externe ontwikkelingen
De manier waarop inwoners, ondernemers en bezoekers zich verplaatsen verandert. De groeiende aandacht voor verduurzaming, energietransitie en gezonde leefomgeving leidt tot een mobiliteitstransitie, waarbij een verschuiving plaats vindt van traditioneel vervoer (eigen auto op fossiele brandstof) naar schonere en slimmere vormen van mobiliteit. Hierin spelen ketenmobiliteit, deelmobiliteit,  publieke mobiliteit, versterking van het openbaar vervoer en stimulering van fietsgebruik een belangrijke rol.
Tegelijkertijd vraagt de specifieke Friese context — met een relatief groot landelijk gebied en verspreide kernen — om maatwerkoplossingen die aansluiten bij de mobiliteitsbehoefte van iedereen (inwoners en bedrijven). Om de vervoersgelijkheid te verbeteren, wordt landelijk ingezet op een nationaal 'bereikbaarheidspeil'. Binnen de verschillende Regiodeals is ook aandacht voor het stimuleren van vervoersgelijkheid. 

Daarnaast staat de verkeersveiligheid onder druk. Het aantal ernstig gewonde verkeersslachtoffers stijgt met als gevolg dat de daling van het aantal verkeersdoden stagneert, zowel landelijk als in Fryslân (zie tabel 1  en 2). Door maatschappelijke ontwikkelingen, zoals groei van bevolking en bedrijvigheid, vergrijzing, een grotere diversiteit aan vervoersmiddelen en technologische ontwikkelingen, is het verkeersysteem en de deelname daaraan complexer en risicovoller geworden.
De prognoses zijn niet hoopvol. Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV, 2025) verwacht, dat zonder aanvullende maatregelen, het aantal ernstig en matig verkeergewonden en verkeersdoden tot 2040 verder zal toenemen. Belangrijke risicogroepen zijn daarbij fietsers en ouderen. Deze prognoses in combinatie met teruglopende budgetten bij het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, leiden tot  een zorgelijke situatie rondom verkeersveiligheid. 

Tabel 1 Aantallen verkeersongevallen, -gewonden en -doden van 2020 t/m 2025 in Nederland


Tabel 2 Aantallen verkeersongevallen, -gewonden en -doden van 2020 t/m 2025 in Fryslân 

Daarnaast blijft een forse inzet nodig om mobiliteit te verduurzamen en fossielvrij te maken, zodat de doelstellingen uit het klimaatakkoord kunnen worden gehaald. Het verschuiven van mobiliteit middels elektrificatie (OV en auto) is één van de maatregelen, waarbij we sterk afhankelijk zijn van de netcongestie, oftewel de snelheid waarmee de uitbreiding van het benodigde energienetwerk gerealiseerd kan worden. Ook richt onze inzet zich op het beïnvloeden van het mobiliteitsgedrag door het verminderen of het veranderen van verplaatsingen.  

Taak- en rolvrijheid

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.1. Algemeen beleid & verkeersveiligheid - Taak- en rolvrijheid

 

Taakvrijheid
De provincie is wettelijk verantwoordelijk voor het onderhoud van het provinciale weg- en vaarwegennet. Er bestaat echter geen wettelijke verplichting om deze infrastructuur uit te breiden of op te waarderen. Verbeteringen die bijdragen aan verkeersveiligheid vallen wél onder onze wettelijke verantwoordelijkheid. 

Rolvrijheid
Traditioneel had de provincie bij de aanleg van infrastructuur vooral een presterende rol: zelfstandig werken aan bereikbaarheid en veiligheid. Tegenwoordig verschuift deze rol steeds vaker naar die van een samenwerkende overheid. Nieuwe infrastructuur wordt steeds vaker gekoppeld aan bredere gebiedsontwikkelingen, waarbij ook andere partijen verantwoordelijk dragen. 

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.1. Algemeen beleid & verkeersveiligheid - Wat willen we bereiken?

Doelstelling beleidsveld 2.1.

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.1. Algemeen beleid & verkeersveiligheid - Wat willen we bereiken? - Doelstelling beleidsveld 2.1.
  1. Verkeersveiligheid: We streven naar nul verkeersdoden in 2040, in lijn met de landelijke ambitie en de Friese Integrale Visie Verkeersveiligheid. Tussen nu en 2040 willen we het aantal dodelijke ongevallen fors terugbrengen. Voor 2030 is in het Meerjaren Uitvoeringsprogramma het tussendoel opgenomen om de stagnerende daling van het aantal verkeersdoden en de stijging van ernstige verkeersgewonden te doorbreken. Jaarlijks monitoren we deze ontwikkeling.
  2. Mobiliteit voor iedereen: Mobiliteit moet fysiek en digitaal toegankelijk en betaalbaar zijn. We willen een systeem waarin iedereen zich welkom en comfortabel voelt en gericht kan reizen. Ook willen we we de fysieke en financiële afstand, tussen het landelijk gebied en de centrumgebieden verkleinen. Hiervoor zijn nog geen concrete meetbare tussendoelen vastgesteld. In het Regionaal Mobiliteits Plan (RMP) 2.0, dat in 2027 wordt vastgesteld, werken we deze verder uit.  
  3. Duurzame mobiliteit: Voor een duurzaam en fossielvrij mobiliteitssysteem is de doelstelling om in 2030 een CO2-reductie van 55% ten opzichte van 2020 te halen. Hoewel er voor 2027 nog geen tussendoelen zijn, blijft inzet hiervoor noodzakelijk. Naast verdere elektrificatie gaan we in 2027 uitvoering geven aan de havenvisie waarbij de inzet is gericht op de transitie van goederenvervoer, van weg naar het water.

    Ook zetten we de werkgeversaanpak voort, waarbij werkgevers met meer dan 50 werknemers worden benaderd om het woon-werkverkeer verder te verduurzamen.

Doelindicatoren 

Onderwerp Indicator Doelwaarde
1. Verkeersveiligheid 1.1 Het geregistreerde aantal doden en ziekenhuisgewonden in Fryslân* in 2027, vergeleken t.o.v. 2020  (doden: 31; gewonden: 535).       Afname t.o.v. 2020 
2.  Mobiliteit voor iedereen Zoals hierboven toegelicht zijn er op dit moment nog geen concrete, meetbare doelindicatoren voor dit onderwerp. 
3. Duurzame mobiliteit 3.1 Reductie van CO2-uitstoot voor 2030 in Fryslân. Afname t.o.v. 2020

*Deze indicator betreft alle wegen in Fryslân. De indicator in paragraaf 2.2 gaat specifiek over onze eigen infrastructuur.

Wat gaan we daarvoor doen?

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.1. Algemeen beleid & verkeersveiligheid - Wat gaan we daarvoor doen?
Onderwerp Resultaten 2027
1. Verkeersveiligheid

1.1 We geven uitvoering aan het Werkplan 2027 van het Regionaal Orgaan verkeersveiligheid Fryslân (ROF). Denk hierbij aan praktische verkeerslessen in het onderwijs, gedragscampagnes op risicogedragingen en langlopende doelgroepgerichte aanpakken op het gebied van fietsverlichting, handsfree fietsen en stimulering fietshelmgebruik.
1.2 We stellen een ROF werkplan 2028 op.
2. Mobiliteit voor iedereen 2.1  We stellen een RMP 2.0 vast waarin onder meer duidelijkheid ontstaat over de doelen en resultaten v.w.b. 'mobiliteit voor iedereen'.
2.2 Vanuit de provinciale hub-strategie faciliteren we in 2027 de voorbereiding en uitvoering van 4 pilot mobiliteitshubs. 
3. Duurzame mobiliteit 3.1 We stimuleren de grotere bedrijven (die meer dan 50 werknemers hebben) om te werken aan een duurzamer vervoersbeleid voor hun organisatie (werkgeversaanpak).
3.2 We werken de havenvisie uit tot een uitvoeringsprogramma.
3.3 We stimuleren gemeenten om het netwerk aan openbare laadpalen verder uit te breiden.

Resultaatindicatoren

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.1. Algemeen beleid & verkeersveiligheid - Resultaatindicatoren
Onderwerp Indicator Doelwaarde 2027
1. Verkeersveiligheid*
 
1.1 Fietshelmgebruik bij 0-6 jarigen  +2%
1.2 Fietshelmgebruik bij 55-plussers  +2%
1.3 Voering fietsverlichting bij 4-14 jarigen +2%
1.4 Handsfree fietsen bij 10-14 jarigen  +2%
1.5 ROF Werkplan 2028 is vastgesteld 100%
2. Mobiliteit voor iedereen
2.1 RMP 2.0 is vastgesteld
100%
2.2 Aantal pilots m.b.t. mobiliteitshubs dat in voorbereiding of uitvoering is  4 of meer
3. Duurzame mobiliteit 3.1 Uitvoeringsprogramma havenvisie is vastgesteld 100%
3.2 Aantal deelnemende bedrijven aan de werkgeversaanpak 10 of meer
3.3 Aantal nieuw geplaatste openbare laadpalen     100

*Sinds 2026 worden er voor wat betreft de indicatoren 1.1 t/m 1.4 metingen gedaan langs de weg. De doelwaarden voor 2027 betreffen een toename t.o.v. peiljaar 2026. 

Wat mag het gaan kosten?

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.1. Algemeen beleid & verkeersveiligheid - Wat mag het gaan kosten?
Bedragen x € 1.000,-
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Totaal lasten
9.012
5.034
4.980
4.989
4.989
Totaal baten
5.281
249
37
37
37
Saldo van lasten en baten
3.731
4.785
4.943
4.952
4.952

Toelichting
De structurele begrote lasten ( € 4,1 - 4,9  mln.) hebben betrekking op algemene beheerskosten, monitoring en verkeersveiligheid (educatie en gedragsbeïnvloeding). Bij de structurele budgetten is beperkte mate van budgetvrijheid voor wat betreft het meerjarig werkplan ROF. Fluctuatie bij de structurele middelen wordt veroorzaakt door het omzetten van tijdelijke middelen naar structurele middelen voor de bijdrage aan het CROW (€ 170.000)  en het extra beschikbaar stellen van € 0,3 mln. voor mobiliteitshubs en € 0,4 mln. voor mobiliteitsgedrag. 

De fluctuatie in de lasten en baten wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door Rijksmiddelen (SPUK) ten behoeve van laadinfrastructuur voor 2026. 

Uitgebreide financiële tabel

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.1. Algemeen beleid & verkeersveiligheid - Uitgebreide financiële tabel
Lasten en baten beleidsveld 2.1 Algemeen beleid & verkeersveiligheid
Onderwerp - Bedragen x € 1.000,-
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Lasten
Verkeersveiligheid
4.094
4.422
4.672
4.681
4.681
Mobiliteit voor iedereen
0
400
308
308
308
Duurzame mobiliteit
4.919
212
0
0
0
Totaal lasten
9.012
5.034
4.980
4.989
4.989
Baten
Verkeersveiligheid
220
37
37
37
37
Duurzame mobiliteit
5.062
212
0
0
0
Totaal baten
5.281
249
37
37
37
Saldo van lasten en baten
3.731
4.785
4.943
4.952
4.952

Beleidsveld 2.2. Verbetering infrastructuur

Terug naar navigatie - - Beleidsveld 2.2. Verbetering infrastructuur

Wat zien we?

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.2. Verbetering infrastructuur - Wat zien we?

Dit beleidsveld richt zich op het verbeteren en optimaliseren van de infrastructurele netwerken in Fryslân. De focus ligt daarbij op de veiligheid en doorstroming op provinciale wegen en vaarwegen.

De verkeersveiligheid op de provinciale wegen laat een vergelijkbaar beeld zien als de landelijke en provinciale ontwikkelingen: er is meer aandacht nodig om de verkeersveiligheid te verbeteren. Daarom investeert de provincie vanaf 2027 substantieel meer in het veiliger maken van de provinciale wegen (zie ook beleidsveld 2.1).

Daarnaast besteden wij specifiek aandacht aan de positie van de fiets. Door de opkomst van de elektrische fiets is dit vervoermiddel een aantrekkelijk alternatief voor de (tweede) auto, met name voor afstanden tot circa 15 kilometer. Dit sluit aan bij de ambitie uit het Bestuursakkoord 2023–2027 'Oparbeidzje foar Fryslân' om Fryslân dé fietsprovincie van Nederland te laten zijn. De aanleg van doorfietsroutes vormt daarbij een belangrijk speerpunt.

De kosten van infrastructurele maatregelen zijn de afgelopen jaren sterk gestegen, onder meer door geopolitieke spanningen en conflicten. Daarnaast kampen aannemers en nutsbedrijven met personeelstekorten en is er sprake van schaarste aan materialen. Dat merken we bijvoorbeeld bij het realiseren van aansluitingen op het elektriciteitsnet en de aanleg van kabels en leidingen.

Ook veranderende wet- en regelgeving, bijvoorbeeld op het gebied van stikstof en de toepassing van bouwstoffen, heeft invloed op de uitvoering van projecten. Hierdoor moeten we binnen lopende projecten soms keuzes maken in kwaliteit of planning. Nieuwe projecten kunnen daardoor minder snel of in een beperktere omvang worden uitgevoerd. Ook andere overheden en samenwerkingspartners hebben met deze ontwikkelingen te maken, wat gevolgen heeft voor het functioneren van het infrastructurele netwerk in Fryslân als geheel.

Taak- en rolvrijheid

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.2. Verbetering infrastructuur - Taak- en rolvrijheid

 

Taakvrijheid
De provincie is wettelijk verantwoordelijk voor het onderhoud van het provinciale wegen- en vaarwegennet. Er bestaat geen wettelijke verplichting om deze infrastructuur uit te breiden of op te waarderen. Verbeteringen die bijdragen aan de verkeersveiligheid behoren wel tot onze wettelijke verantwoordelijkheid.

Rolvrijheid
De aanleg van nieuwe infrastructuur en het verbeteren van bestaande infrastructuur behoorden van oudsher tot de presterende rol van de provincie: zelfstandig werken aan een betere bereikbaarheid en meer verkeersveiligheid. Steeds vaker verschuift deze rol echter naar die van samenwerkende overheid. Infrastructuurprojecten worden vaker gekoppeld aan gebiedsontwikkelingen waarvoor ook andere partijen verantwoordelijk zijn. Daarnaast worden rijksprojecten steeds vaker mede geïnitieerd of (voor)gefinancierd door de provincie.

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.2. Verbetering infrastructuur - Wat willen we bereiken?

Doelstelling beleidsveld 2.2.

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.2. Verbetering infrastructuur - Wat willen we bereiken? - Doelstelling beleidsveld 2.2.
  1. Onze infrastructuur is veilig voor verkeersdeelnemers 
  2. Vlotte doorstroming op Friese wegen, vaarwegen en het spoor

Doelindicatoren

Onderwerp Indicator Doelwaarde
1. Verkeersveiligheid 1.1 Aantal verkeersdoden en (ernstig) verkeersgewonden op onze eigen provinciale wegen  Afname t.o.v. 2020 (verkeersdoden 6, (ernstig) verkeersgewonden 69)
2. Vlotte doorstroming 2.1 Waardering van betrouwbaarheid netwerken en reistijd 8

Wat gaan we daarvoor doen?

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.2. Verbetering infrastructuur - Wat gaan we daarvoor doen?
Onderwerp Resultaten 2027
1. Verkeersveiligheid 1.1 We realiseren de infrastructurele projecten zoals die volgens het Uitvoeringsprogramma RMP geprogrammeerd staan voor het jaar 2027.
2. Vlotte doorstroming
 
 
2.1 Samen met de gemeenten werken we verder aan het netwerk van doorfietsroutes.
2.2 We zijn blijvend in overleg met het Rijk en andere overheden over het (goed) functioneren van het gehele infrastructurele netwerk in onze provincie. Indien nodig maken we hier afspraken over in het Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (BO-MIRT). 
2.3 We gaan verder met de uitvoering van het uitvoeringsprogramma Van Harinxmakanaal (VHK) voor het faciliteren van klasse Va schepen.
2.4 We maken afspraken met het Rijk over de afkoopsom voor de Tsjerk Hiddessluizen.
2.5 We laten door ProRail de planvoorbereiding uitvoeren (Planning en Studies) voor de realisatie van station Leeuwarden Middelsee.
2.6 We doen de voorbereidingen voor de realisatie van wacht- en fietsvoorzieningen bij busstation Heerenveen.

Resultaatindicatoren

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.2. Verbetering infrastructuur - Resultaatindicatoren
Indicator Onderwerp Doelwaarde 2027
1. Verkeersveiligheid 1.1 Realisatie van de wegenprojecten conform het uitvoeringsprogramma RMP 2027. 100%
2. Vlotte doorstroming 2.1 Aantal wachtplaatsen voor de beroeps- en recreatievaart in het Van Harinxmakanaal dat is vervangen. 5
2.2 De bochtverruimingen Froskepolle en Langdeel in het Van Harinxmakanaal zijn in uitvoering.  100%
2.3 De provinciale hoofdfietsroute langs de N355 'Groene Ster' is gerealiseerd. 100%
2.4 Er is duidelijkheid over de toekomst van de Lelylijn en de hiervoor gereserveerde budgetten. 100%
2.5 Er is duidelijkheid over de toekomst van de vervanging van de HRMK-spoorbrug en het hiervoor gereserveerde Rijksbudget. 100%
2.6 De voortgang van de planvoorbereiding (Planning en Studies, door ProRail) voor realisatie van station Leeuwarden Middelsee. 75%
2.7 De aanbesteding voor wacht- en fietsvoorzieningen bij busstation Heerenveen is afgerond. 100%

Wat mag het gaan kosten?

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.2. Verbetering infrastructuur - Wat mag het gaan kosten?
Bedragen x € 1.000,-
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Totaal lasten
9.930
28.568
38.136
11.920
9.776
Totaal baten
1.612
408
0
0
0
Saldo van lasten en baten
8.319
28.160
38.136
11.920
9.776

Toelichting
De structureel begrote lasten bestaan uit afschrijvingslasten. Hiervoor bestaat geen budgetvrijheid. Daarnaast is € 1,5 miljoen beschikbaar voor doorfietsroutes.

Verder zijn verschillende tijdelijke projecten opgenomen, waardoor de lasten tussen de jaren fluctueren. Het gaat onder meer om infrastructuurprojecten uit het Regionaal Specifiek Pakket (RSP), zoals de 'Investeringsagenda Drachten–Heerenveen' en 'Sluis Kornwerderzand'.

De baten bestaan uit een specifieke uitkering (SPUK) voor het stimuleren van verkeersveiligheidsmaatregelen.

De voorstellen uit de 'Kadernota' zijn verwerkt in de bovenstaande tabel. Het voorstel voor busstation Heerenveen betreft een investering, het budget hiervoor is toegevoegd aan de dekkingsreserve kapitaallasten zodat toekomstige afschrijvingslasten hieruit gefinancierd kunnen worden.

Voorstellen kadernota Bedragen x € 1.000,-
Omschrijving
2026
2027
2028
2029
2030
Lasten
Aanpak verkeersknelpunten
0
0
133
266
400
Treinstation Middelsee
0
0
18.000
0
0
Busstation Heerenveen
0
0
2.800
0
0
Totaal lasten
0
0
20.933
266
400

Uitgebreide financiële tabel

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.2. Verbetering infrastructuur - Uitgebreide financiële tabel
Lasten en baten beleidsveld 2.2 Verbetering infrastructuur
Onderwerp - Bedragen x € 1.000,-
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Lasten
Verkeersveiligheid
3.403
3.144
12.446
6.028
3.867
Vlotte doorstroming
6.527
25.424
25.690
5.892
5.909
Totaal lasten
9.930
28.568
38.136
11.920
9.776
Baten
Verkeersveiligheid
1.498
408
0
0
0
Vlotte doorstroming
114
0
0
0
0
Totaal baten
1.612
408
0
0
0
Saldo van lasten en baten
8.319
28.160
38.136
11.920
9.776

Beleidsveld 2.3. Instandhouding provinciale infrastructuur

Terug naar navigatie - - Beleidsveld 2.3. Instandhouding provinciale infrastructuur

Wat zien we?

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.3. Instandhouding provinciale infrastructuur - Wat zien we?

Externe ontwikkelingen
Op nationaal en regionaal niveau zien we dat de komende decennia veel infrastructuur aan vervanging toe is. Bruggen, sluizen, viaducten en tunnels die in de jaren vijftig tot en met zeventig zijn gebouwd, naderen het einde van hun levensduur. Dat geldt ook voor onze eigen infrastructuur. Zo moeten bijvoorbeeld de funderingen van onze wegen worden vervangen (rehabilitatie).

Daarnaast heeft veranderende en nieuwe wet- en regelgeving invloed op het beheer en onderhoud van onze infrastructuur. Denk daarbij aan aangescherpte regelgeving op het gebied van (cyber)veiligheid, natuur, stikstof, duurzaamheid en het gebruik van bouwstoffen.

Ook stijgen de kosten als gevolg van geopolitieke ontwikkelingen en is het lastig om voldoende gekwalificeerd personeel te vinden. Dit vertraagt onderhoud en investeringen en vraagt om een andere samenwerking met de markt.

Taak- en rolvrijheid

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.3. Instandhouding provinciale infrastructuur - Taak- en rolvrijheid

 

Taakvrijheid
De provincie is wettelijk verantwoordelijk voor het onderhoud van het provinciale wegen- en vaarwegennet, inclusief bruggen, sluizen en viaducten. Het onderhoudsniveau is vastgelegd in wet- en regelgeving. Daarnaast gelden richtlijnen van CROW, het landelijk kennisplatform voor infrastructuur, verkeer, vervoer en openbare ruimte, die ook door de rechter worden gehanteerd.

Voor vaarwegen gelden minder vaste normen, maar de provincie moet wel beschikken over een beheerplan waarin de belangrijkste onderwerpen zijn opgenomen. Ook het nautisch beheer is geregeld in de 'Scheepvaartverkeerswet' en de bijbehorende regelgeving. Daarnaast is de provincie verantwoordelijk voor de verkeersveiligheid en de doorstroming op de provinciale wegen.

Rolvrijheid
Binnen dit beleidsveld heeft de provincie vooral een opdrachtgevende rol. Wij zorgen ervoor dat wegen en vaarwegen veilig zijn, voldoen aan de wettelijke verplichtingen en doelmatig worden onderhouden.

De rolvrijheid zit enerzijds in de manier waarop wij onze wettelijke taken uitvoeren, bijvoorbeeld door innovatieve vormen van onderhoud en aanbesteden toe te passen. Anderzijds ligt deze in de mate waarin wij een actieve rol nemen bij ontwikkelingen zoals elektrische en digitale infrastructuur. Ook kunnen we onderhoud combineren met andere werkzaamheden in een gebied of afstemmen met onderhoud van andere beheerders.

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.3. Instandhouding provinciale infrastructuur - Wat willen we bereiken?

Doelstelling beleidsveld 2.3.

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.3. Instandhouding provinciale infrastructuur - Wat willen we bereiken? - Doelstelling beleidsveld 2.3.
  1. De instandhouding van onze provinciale infrastructuur is op orde.

    In de vergadering van Provinciale Staten van 29 juni 2022 is, in het kader van de heroverweging van het provinciale takenpakket (Zero Based Budgeting), besloten het onderhoudsniveau vanaf 2023 terug te brengen naar niveau 6. Uit de evaluatie van het 'Beleidskader onderhoud provinciale infrastructuur' in 2025 blijkt dat dit onderhoudsniveau door verschillende externe ontwikkelingen onder druk komt te staan. Daarom actualiseren wij het beleidskader.

  2. Onze wegen en vaarwegen zijn optimaal bereikbaar en veilig, ook onder winterse omstandigheden.

Doelindicatoren 

Onderwerp Indicator Doelwaarde
1. Instandhouding provinciale infrastructuur 1.1 Beheer en onderhoud van onze infrastructuur is op orde Onderhoudsniveau 6
2. Bereikbaarheid en veiligheid 2.1 Onze provincie is bereikbaar en onze infrastructuur is veilig voor gebruikers 100%

Wat gaan we daarvoor doen?

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.3. Instandhouding provinciale infrastructuur - Wat gaan we daarvoor doen?
Onderwerp Resultaten 2027
1. Instandhouding provinciale infrastructuur 1.1 We beheren, programmeren en onderhouden de provinciale infrastructuur conform het door PS vastgestelde onderhoudsniveau (6) 
1.2 We gaan verder met het optimaliseren en energieneutraal maken van onze steunpunten
1.3 We verduurzamen onze dienstwoningen conform nieuwe wetgeving
1.4 Vrijgekomen baggerspecie wordt hergebruikt (mits de kwaliteit dat toelaat) 
1.5 We passen ecologisch maaibeheer toe langs (delen van) onze wegen en vaarwegen 
2. Bereikbaarheid en veiligheid 2.1 We bestrijden gladheid op onze wegen en breken ijs op (delen van) onze beroepsvaarwegen
2.2 We zorgen voor adequaat incidentmanagement 
2.3 We schouwen en inspecteren onze wegen, vaarwegen en kunstwerken 
2.4 We zorgen voor nautisch toezicht op onze vaarwegen en professionaliseren de integrale samenwerking met politie en andere handhavende diensten
2.5 We zorgen voor een veilige en vlotte doorvaart door middel van het op professionele wijze bedienen van provinciale bruggen en sluizen 

Resultaatindicatoren

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.3. Instandhouding provinciale infrastructuur - Resultaatindicatoren
Onderwerp Indicator Doelwaarde 2027
1. Instandhouding provinciale infrastructuur 1.1 Uitvoering groot onderhoud en investeringen conform uitvoeringsprogramma RMP 2027 100%
1.2 Verzorgings- en technische score dagelijks onderhoud wegen  97%
1.3 Aantal km vaarwegen waarvan we de diepte peilen   225
1.4 Verduurzamen dienstwoningen 5
2. Bereikbaarheid en veiligheid
 
2.1 Gemiddelde maximale wachttijd (in minuten) vaarwegverkeer bij op afstand bediende bruggen 10
2.2 Preventieve gladheidsbestrijding op onze wegen 100%
2.3 Aanbesteding gladheidsbestrijding (inclusief materieel) is gereed 100%
2.4 Aantal ongeplande stremmingen (> 4 uur) op onze infrastructuur 0
2.5 NIS2*-maatregelen gerealiseerd 20%

*NIS staat voor Network Information Security. De NIS2-richtlijn is o.a. gericht op het verbeteren van cyberveiligheid.  

Wat mag het gaan kosten?

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.3. Instandhouding provinciale infrastructuur - Wat mag het gaan kosten?
Bedragen x € 1.000,-
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Totaal lasten
40.974
37.954
40.503
42.168
44.626
Totaal baten
1.434
1.434
1.434
1.004
1.004
Saldo van lasten en baten
39.540
36.520
39.069
41.164
43.621

Toelichting
De begrote lasten bestaan hoofdzakelijk uit beheer- en onderhoudsmiddelen en afschrijvingslasten. De fluctuatie over de jaren wordt veroorzaakt doordat de programmering voor groot onderhoud en afschrijvingslasten meerjarig is verwerkt.

Beheer en onderhoud zijn wettelijke taken. Daarbij geldt dat het onderhoudsniveau minimaal een 6 moet zijn. Hiervoor bestaat geen budgetvrijheid.

Daarnaast is tijdelijk budget beschikbaar voor de financiering van stortplaatsen. 

De fluctuatie in de baten wordt veroorzaakt door bijdragen van gemeenten aan het Oeverfonds (2025–2028). De structurele baten hebben onder meer betrekking op huren, pachten en stortopbrengsten.

Uitgebreide financiële tabel

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.3. Instandhouding provinciale infrastructuur - Uitgebreide financiële tabel
Lasten en baten beleidsveld 2.3 Instandhouding provinciale infrastructuur
Onderwerp - Bedragen x € 1.000,-
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Lasten
Instandhouding provinciale infrastructuur
37.979
34.295
37.532
39.197
40.470
Bereikbaarheid en veiligheid
2.995
3.659
2.971
2.971
4.156
Totaal lasten
40.974
37.954
40.503
42.168
44.626
Baten
Instandhouding provinciale infrastructuur
1.434
1.434
1.434
1.004
1.004
Totaal baten
1.434
1.434
1.434
1.004
1.004
Saldo van lasten en baten
39.540
36.520
39.069
41.164
43.621

Beleidsveld 2.4. Openbaar vervoer

Terug naar navigatie - - Beleidsveld 2.4. Openbaar vervoer

Wat zien we?

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.4. Openbaar vervoer - Wat zien we?

Door onder meer geopolitieke ontwikkelingen en rijksbezuinigingen blijven de betaalbaarheid en beschikbaarheid van het openbaar vervoer onder druk staan. De tarieven voor reizigers zijn hoog. Studenten reizen minder met het openbaar vervoer, waardoor vervoerders minder rijksbijdragen ontvangen. Hierdoor dreigt het aanbod van het openbaar vervoer verder te verschralen. De provincie vindt dat het Rijk vervoerders hiervoor structureel moet compenseren en werkt hierin samen met de andere provincies.

Het Rijk stelde in 2024 extra middelen beschikbaar (Bikker-gelden) om een stijging van de tarieven voor het openbaar vervoer te voorkomen en te investeren in het openbaar vervoer. Ook de komende jaren worden extra middelen beschikbaar gesteld (Grinwis-gelden), onder meer voor het SOV-tekort. Een structurele oplossing ontbreekt echter nog.

Voor het realiseren van OV-infraprojecten is creativiteit, flexibiliteit en samenwerking nodig. De schaarste aan personeel, sterk gestegen bouwkosten, beperkte vergunningsruimte en netcapaciteit maken het een uitdaging om projecten binnen tijd, scope en budget uit te voeren. 

Taak- en rolvrijheid

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.4. Openbaar vervoer - Taak- en rolvrijheid

 

Taakvrijheid
Op grond van de ‘Wet personenvervoer 2000’ is de provincie bevoegd om als concessieverlener op te treden voor het regionale bus- en treinvervoer. Daarmee bepaalt de provincie hoe het regionale openbaar vervoer wordt ingericht en aan welke eisen dit moet voldoen. Binnen deze rol kan de provincie ook subsidies verstrekken aan vervoerders die het regionale openbaar vervoer uitvoeren, zoals in de concessie is vastgelegd. 

Rolvrijheid
De rolvrijheid ligt in de mate waarin invulling wordt gegeven aan de wettelijke verplichting om openbaar vervoer aan te bieden en de wijze waarop dit gebeurt. Zo kan worden gekozen voor het ontsluiten van alle kernen of juist voor een sterke focus op duurzaamheid. Daarnaast kan de provincie een meer of minder initiërende en faciliterende rol vervullen bij innovaties, bijvoorbeeld op het gebied van duurzame vervoerstechniek of nieuwe vormen van kleinschalig openbaar vervoer.

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.4. Openbaar vervoer - Wat willen we bereiken?

Doelstelling beleidsveld 2.4.

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.4. Openbaar vervoer - Wat willen we bereiken? - Doelstelling beleidsveld 2.4.
  1. Het openbaar vervoer in Fryslân is voor iedereen toegankelijk
  2. Het openbaar vervoer is volledig duurzaam
  3. Het openbaar vervoer is betrouwbaar
Onderwerp Indicator Doelwaarde
1. Toegankelijk OV 1.1 Rapportcijfer klanttevredenheid OV Fryslân Minimaal een 7.5
2. Duurzaam OV 2.1 Zero-emissie regionaal bus- en treinvervoer Vanaf 2030 100% ZE-busvervoer
Vanaf 2035 100% ZE-treinvervoer
3. Betrouwbaar OV 3.1 Punctualiteit  (jaarlijks percentage regionale treinen en bussen dat op tijd aankomt in 2027) 90% bus
95% trein

Wat gaan we daarvoor doen?

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.4. Openbaar vervoer - Wat gaan we daarvoor doen?
Onderwerp Resultaten 2027
1. Toegankelijk  OV 1.1 We beheren de regionale OV-concessies voor trein en bus. 
1.2  We bereiden de treinconcessie 2035 - 2050 voor. 
1.3 We voeren het vastgestelde Uitvoeringsprogramma Toegankelijkheid Openbaar Vervoer 2024-2028 uit. 
2. Duurzaam OV

2.1 De provincie neemt voor 2029 alle busstallingen in Fryslân in eigendom.
2.2 We laten door ProRail een verkenningsstudie uitvoeren naar de laadinfrastructuur voor batterijtreinen voor de Friese regionale spoorlijnen.
3. Betrouwbaar OV  3.1 We ronden de plaatsing van Dynamisch Reizigers Informatie Systeem (DRIS) panelen op veelgebruikte bushaltes af. 
3.2 We maken samen met de provincie Groningen de treinstellen van Arriva geschikt voor het nieuwe treinbeveiligingssysteem European Rail Traffic Management System (ERTMS) op de noordelijke regionale spoorlijnen. 

Resultaatindicatoren

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.4. Openbaar vervoer - Resultaatindicatoren
Onderwerp Indicator Doelwaarde 2027
1. Toegankelijk OV
 
1.1 De Nota van Uitgangspunten nieuwe treinconcessie 2035 - 2050 is vastgesteld door PS 100%
1.2 Toename aantal toegankelijke provinciale bushaltes 10 
2. Duurzaam OV 2.1 Aantal locaties voor busstallingen dat in eigendom is van de provincie Fryslân 3
2.2 De verkenningsstudie door ProRail, naar de laadinfrastructuur voor batterijtreinen voor Friese regionale spoortrajecten is uitgevoerd. 75% 
3. Betrouwbaar OV 3.1 Het aantal DRIS-panelen dat in 2027  is gerealiseerd op veelgebruikte bushaltes 10
3.2 De voortgang van het geschikt maken van de treinstellen van Arriva voor het nieuwe treinbeveiligingssysteem European Rail Traffic Management System (ERTMS) op de noordelijke regionale spoorlijnen. 30%

Wat mag het gaan kosten?

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.4. Openbaar vervoer - Wat mag het gaan kosten?
Bedragen x € 1.000,-
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Totaal lasten
86.522
93.257
93.932
88.784
82.357
Totaal baten
5.809
10.345
5.136
3.748
3.851
Saldo van lasten en baten
80.712
82.912
88.796
85.036
78.506

Toelichting
De begrote lasten bestaan hoofdzakelijk uit exploitatiemiddelen voor het openbaar vervoer. Qua budgetvrijheid liggen de middelen gedurende de looptijd van de concessie in principe vast. In 2026 zijn aanvullende middelen beschikbaar voor het verbeteren van het openbaar vervoer. Deze zijn via een decentralisatie-uitkering van het Rijk ontvangen en vanaf 2027 structureel opgenomen.

De baten hebben betrekking op bijdragen van derden voor diensten die onderdeel uitmaken van de concessie. De fluctuaties tussen de jaren worden veroorzaakt door de inzet van middelen voor de invoering van het European Rail Traffic Management System (ERTMS) op de treinen, onderzoek naar de elektrificatie van treinen en het herstel van de kade op Terschelling. Hiervoor zijn specifieke middelen beschikbaar of zijn overeenkomsten afgesloten. Daarnaast is tijdelijk budget beschikbaar (€ 4 miljoen in de periode 2024–2028) voor het verbeteren van de bereikbaarheid van het platteland.

Uitgebreide financiële tabel

Terug naar navigatie - Beleidsveld 2.4. Openbaar vervoer - Uitgebreide financiële tabel
Lasten en baten beleidsveld 2.4 Openbaar vervoer
Onderwerp - Bedragen x € 1.000,-
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Lasten
Toegankelijk OV
82.895
83.836
85.135
82.685
81.055
Duurzaam OV
685
1.547
1.607
497
497
Betrouwbaar OV
2.942
7.874
7.190
5.602
805
Totaal lasten
86.522
93.257
93.932
88.784
82.357
Baten
Toegankelijk OV
3.042
3.046
3.046
3.046
3.046
Betrouwbaar OV
2.767
7.299
2.090
702
805
Totaal baten
5.809
10.345
5.136
3.748
3.851
Saldo van lasten en baten
80.712
82.912
88.796
85.036
78.506