Ontwikkeling financieel kader
Financieel kader Begroting 2027
Terug naar navigatie - Ontwikkeling financieel kader - Financieel kader Begroting 2027In dit hoofdstuk worden de volgende onderdelen van het financieel kader nader toegelicht:
- Onze uitgangspunten
- Ontwikkeling begrotingssaldo
- Ontwikkeling baten en lasten
- Vrij Aanwendbare Reserve (VAR)
1 – Onze uitgangspunten
Terug naar navigatie - Ontwikkeling financieel kader - 1 – Onze uitgangspunten- De meerjarenbegroting is structureel sluitend. Dit betekent dat de begroting op een termijn van zo'n 10 jaar sluitend is.
- Om in te kunnen spelen op nieuwe ontwikkelingen streven wij er naar om hiervoor structurele financiële ruimte beschikbaar te houden.
- De minimale stand van de Vrije Aanwendbare Reserve bedraagt € 10 mln.
- Structurele uitgaven dekken wij uit structurele middelen.
- Bij inzet van revolverende middelen zijn de gederfde rendementen gedekt: de rente die wij mislopen of die wij moeten betalen dekken we af.
- Geld geven we alleen uit als we alle initiële kosten en (eventuele) structurele financiële gevolgen van een activiteit kunnen betalen.
- Bij elk voorstel aan Provinciale Staten dat geld kost, maken wij duidelijk hoe wij dit op verantwoorde wijze betalen.
- Gedeputeerde Staten voeren alleen moties uit die financieel gedekt zijn. Bij amendementen verwachten wij van Provinciale Staten dezelfde discipline.
- Aan het meefinancieren van projecten van anderen stellen we voorwaarden zodat we goed zicht kunnen houden op de resultaten. De verplichting tot verantwoording moet in verhouding staan tot de inspanning die de ander levert.
- Als wij financiële afspraken maken met anderen zijn die voor ons hard. Tegenvallers of extra benodigde middelen zijn voor rekening van de partij die deze het beste had kunnen voorzien. Dat is over het algemeen de partij waarmee we die afspraken hebben gemaakt.
2 - Ontwikkeling begrotingssaldo
Terug naar navigatie - Ontwikkeling financieel kader - 2 - Ontwikkeling begrotingssaldoHet financieel kader actualiseren we periodiek. Dit gebeurt naar aanleiding van externe wijzigingen (zoals veranderingen in het provinciefonds) of door besluiten van Provinciale en Gedeputeerde Staten. Vaak stellen uw Staten deze wijzigingen vast bij de behandeling van een begroting, de jaarstukken, of een bestuursrapportage. Daarnaast heeft het college het mandaat om een aantal niet beleidsmatige wijzigingen zelf in de begroting te verwerken. Het betreft hier bijvoorbeeld wijzigingen in het provinciefonds, opbrengst motorrijtuigenbelasting, rendement vermogensbeheer of dividenduitkering. Hieronder geven we de ontwikkeling van het begrotingssaldo vanaf de begroting 2026 tot aan de begroting 2027 stapsgewijs weer.
Bij de begroting 2026 hebben we de stand van het begrotingssaldo op dat moment gepresenteerd. Daarna hebben uw Staten enkele begrotingswijzigingen vastgesteld bij het autorisatiemoment december 2025. Onder het mandaat van GS is o.a. de septembercirculaire provinciefonds 2026 verwerkt. Na het autorisatiemoment is nog de decembercirculaire provinciefonds 2025 verwerkt wat resulteert in het begrotingssaldo bij de jaarrekening 2025. Vervolgens hebben uw Staten in juni besloten over de voorstellen bij de Jaarstukken 2025 en de Kadernota 2027. De uit dit laatste voortvloeiende mutatie betreft de verwerking van de actualisatie financieel kader en de daadwerkelijke kadernota voorstellen. De meicirculaire provinciefonds 2026 is onder het mandaat van GS verwerkt. Daarna is de berap 2026 opgesteld welke leidt tot mutaties onder GS mandaat en wijzigingen die voorgelegd zijn aan PS.
Het begrotingssaldo bij de begroting 2027 is alle jaren positief en daarmee heeft er geen onttrekking aan de Vrij Aanwendbare Reserve plaatsgevonden*.
In de tabel hieronder staan de verschillende stappen cijfermatig weergegeven.
*) Als er een negatief begrotingssaldo is wordt dat direct verwerkt met de vrij aanwendbare reserve door daar daadwerkelijk al over te beschikken. Deze werkwijze wordt alleen bij de begroting gevolgd zodat mutaties in het jaar en de effecten daarvan zichtbaar blijven.
Ontwikkeling begrotingssaldo |
2026 |
2027 |
2028 |
2029 |
2030 |
|||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Bedragen x € 1 mln. |
||||||||
Begrotingssaldo bij begroting 2026 |
14,2 |
14,8 |
10,2 |
5,3 |
9,9 |
|||
GS septembercirculaire 2025 provinciefonds |
24,2 |
26,9 |
28,6 |
27,8 |
14,3 |
|||
GS mandaat autorisatiemoment december 2025 |
1,3 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
|||
PS 17-12-2025 autorisatiemoment 2025 |
-10,8 |
4,9 |
5,2 |
-0,4 |
-0,4 |
|||
Begrotingssaldo bij autorisatiemoment december 2025 |
28,9 |
46,6 |
44,0 |
32,7 |
23,8 |
|||
PS:24-9-2025 Verhogen plafonds regelingen Musea fryslân en Kunstinstellingen Fryslân 2026-2028 |
-2,4 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
|||
PS:12-11-2025 Bijdrage Keningsdei 2026 Dokkum/Noardeast-fryslân |
-0,5 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
|||
PS:12-11-2025 Moties en amendementen bij begroting 2026 en aanvullend voorstel begroting 2026 |
-3,0 |
-3,0 |
-4,3 |
-2,4 |
-2,4 |
|||
PS: 17-12-2025: aangenomen moties |
-0,2 |
-0,1 |
-0,1 |
-0,1 |
0,0 |
|||
GS decembercirculaire 2025 provinciefonds |
-3,0 |
-0,3 |
-0,1 |
-0,1 |
0,0 |
|||
GS decemberwijzigingen mandaat GS |
1,1 |
2,0 |
2,0 |
2,0 |
2,0 |
|||
Begrotingssaldo bij jaarrekening 2025 |
21,1 |
45,2 |
41,5 |
32,1 |
23,4 |
|||
PS 24-06-2026 Kadernota 2027 actualisatie financieel kader |
9,4 |
0,3 |
-1,1 |
-1,3 |
-3,6 |
|||
Begrotingssaldo bij kadernota 2027 |
30,4 |
45,5 |
40,4 |
30,8 |
19,8 |
|||
Aanvullingen actualisatie financieel kader Kadernota 2027 |
0,6 |
1,6 |
1,6 |
0,5 |
-3,4 |
|||
PS 24-06-2026 Kadernota 2027 voorstellen |
-0,3 |
-10,1 |
-34,5 |
-14,9 |
-14,3 |
|||
Begrotingssaldo na kadernota voorstellen 2027 |
30,7 |
37,0 |
7,4 |
16,3 |
2,1 |
|||
PS 17-12-2025 Motie voor een appel en een ei |
0,0 |
- |
- |
- |
- |
|||
PS 28-01-2026 Fêststelling definitive fraksjesubsydzjes en werombetelferplichtingen 2024 |
0,3 |
- |
- |
- |
- |
|||
PS 24-06-2026 Jaarstukken 2025 resultaatbestemming |
-1,1 |
- |
- |
- |
- |
|||
GS wijziging meicirculaire provinciefonds 2026: |
||||||||
algemene uitkering |
4,1 |
7,6 |
6,3 |
5,9 |
6,6 |
|||
decentralisatie-uitkering |
5,5 |
-3,8 |
-1,6 |
-0,1 |
0,0 |
|||
Begrotingssaldo bij meicirculaire 2026 |
39,4 |
40,8 |
12,1 |
22,1 |
8,7 |
|||
GS mandaat berap 2026 |
1,2 |
- |
- |
- |
- |
|||
PS 23-09-2026 berap 2026 |
9,0 |
-7,3 |
-8,1 |
-5,8 |
-4,8 |
|||
Begrotingssaldo bij berap 2026 |
49,7 |
33,5 |
4,0 |
16,3 |
3,9 |
|||
Begrotingssaldo bij begroting 2027 |
49,7 |
33,5 |
4,0 |
16,3 |
3,9 |
3 - Ontwikkeling baten en lasten
Terug naar navigatie - Ontwikkeling financieel kader - 3 - Ontwikkeling baten en lastenHieronder staat de ontwikkeling van de baten, de lasten en de mutaties van de reserves. Op verzoek van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele baten en lasten. Op deze manier wordt inzichtelijk gemaakt of de provinciale begroting structureel in evenwicht is en blijft.
De structurele baten en lasten betreffen alle budgetten welke geen einde looptijd kennen. Dus ook de onderdelen voorzieningen, overlopende passiva of reserves.
De mutaties in de bestemmingsreserves hebben vooral betrekking op de reserves van de tijdelijke budgetten, groot onderhoud en natuurpact. De verschuiving van de bestedingsritmes over de jaren heen verloopt via deze reserves. In het ene jaar wordt gevormd en in het volgende jaar en/of volgende jaren wordt onttrokken aan deze reserves.
De beschikking over de dekkingsreserve kapitaallasten wordt aangemerkt als structureel aangezien deze gebruikt worden ter dekking van de bijbehorende afschrijvingslasten.
Ontwikkeling financieel kader |
Begroting 2026 |
Begroting 2027 |
Begroting 2028 |
Begroting 2029 |
Begroting 2030 |
||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
bedragen x € 1 mln. |
|||||||||
Baten |
Structureel |
414,0 |
411,9 |
419,1 |
423,9 |
431,0 |
|||
Overig |
182,4 |
136,6 |
159,8 |
47,6 |
84,3 |
||||
Totaal |
231,6 |
548,6 |
578,9 |
471,5 |
515,3 |
||||
Lasten |
Structureel |
388,2 |
391,2 |
403,4 |
405,9 |
419,4 |
|||
Overig |
258,4 |
231,5 |
222,5 |
70,8 |
103,5 |
||||
Totaal |
646,6 |
622,7 |
625,9 |
476,7 |
522,9 |
||||
Saldo voor bestemming reserves |
Structureel |
25,9 |
20,8 |
15,7 |
18,0 |
11,7 |
|||
Overig |
-76,0 |
-94,9 |
-62,7 |
-23,2 |
-19,2 |
||||
Totaal |
-50,1 |
-74,1 |
-47,0 |
-5,2 |
-7,5 |
||||
Reserves |
Structureel |
23,0 |
16,8 |
8,8 |
10,9 |
12,3 |
|||
Overig |
76,8 |
90,8 |
42,2 |
10,6 |
-0,8 |
||||
Totaal |
99,8 |
107,6 |
51,0 |
21,5 |
11,5 |
||||
Saldo na bestemming reserves |
Structureel |
48,9 |
37,6 |
24,5 |
28,9 |
24,0 |
|||
Overig |
0,8 |
-4,1 |
-20,5 |
-12,6 |
-20,0 |
||||
Begrotingssaldo |
49,7 |
33,5 |
4,0 |
16,3 |
3,9 |
||||
Ontwikkeling financieel kader |
Begroting 2031 |
Begroting 2032 |
Begroting 2033 |
Begroting 2034 |
Begroting 2035 |
||||
bedragen x € 1 mln. |
|||||||||
Baten |
Structureel |
436,7 |
445,3 |
454,7 |
464,2 |
473,8 |
|||
Overig |
7,2 |
7,2 |
7,2 |
7,2 |
7,2 |
||||
Totaal |
443,9 |
452,5 |
461,9 |
471,4 |
481,0 |
||||
Lasten |
Structureel |
424,6 |
435,3 |
446,2 |
457,2 |
468,6 |
|||
Overig |
16,1 |
1,4 |
1,3 |
1,3 |
1,3 |
||||
Totaal |
440,7 |
436,7 |
447,4 |
458,5 |
469,9 |
||||
Saldo voor bestemming reserves |
Structureel |
12,1 |
10,1 |
8,5 |
7,0 |
5,1 |
|||
Overig |
-9,0 |
5,8 |
5,9 |
5,9 |
5,9 |
||||
Totaal |
3,1 |
15,9 |
14,5 |
12,9 |
11,1 |
||||
Reserves |
Structureel |
5,8 |
5,8 |
5,8 |
5,8 |
5,8 |
|||
Overig |
-1,0 |
-1,0 |
-1,0 |
-1,0 |
-1,0 |
||||
Totaal |
4,8 |
4,8 |
4,8 |
4,8 |
4,8 |
||||
Saldo na bestemming reserves |
Structureel |
18,0 |
15,9 |
14,4 |
12,8 |
11,0 |
|||
Overig |
-10,0 |
4,8 |
4,9 |
4,9 |
4,9 |
||||
Begrotingssaldo |
8,0 |
20,7 |
19,3 |
17,8 |
15,9 |
Uit bovenstaand overzicht blijkt dat het begrotingssaldo alle jaren positief is en daarmee is onze begroting op de lange termijn structureel sluitend.
Baten
Provinciefonds algemene uitkering
Ontwikkeling en raming van het accres
In de meicirculaire provinciefonds 2026 is een actualisatie van het accres opgenomen. Conform bestaand beleid hebben wij een voorzichtigheidsmarge van 1% ten opzichte van de circulaire aangehouden voor de jaren 2027 en verder.
De accresreeks ziet er dan als volgt uit:
(in procenten) |
2026 |
2027 |
2028 |
2029 |
2030 |
|---|---|---|---|---|---|
Accres meicirculaire 2026 |
4,9 |
4,3 |
4,6 |
4,0 |
4,9 |
Voorzichtigheidsmarge |
-1,0 |
-1,0 |
-1,0 |
-1,0 |
|
Accresberekening Algemene Uitkering Fryslân |
4,9 |
3,3 |
3,6 |
3,0 |
3,9 |
Dit resulteert in onderstaande raming van de algemene uitkering.
Bedragen x € 1 mln. |
2026 |
2027 |
2028 |
2029 |
2030 |
|---|---|---|---|---|---|
Begroting 2026 |
251,8 |
266,4 |
274,0 |
281,4 |
289,3 |
Kadernota 2027 |
270,6 |
284,9 |
292,1 |
298,7 |
303,6 |
Begroting 2027 |
275,5 |
292,5 |
298,4 |
304,6 |
310,2 |
Mutatie |
4,9 |
7,6 |
6,3 |
5,9 |
6,6 |
Opbrengst opcenten motorrijtuigenbelasting (MRB)
De gegevens over het wagenpark van onze provincie zijn geactualiseerd aan de hand van de opgaaf van de belastingdienst per 1 januari 2026. Gezien de onzekerheid in de afdracht van de opbrengst opcenten motorrijtuigenbelasting door de belastingdienst in 2025 houden wij een voorzichtigheidsmarge in de begroting aan van 5%. Hieronder zijn de verwachte inkomsten opcenten motorrijtuigenbelasting aangegeven. De indexering is gebaseerd op de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp).
Bedragen x € 1 mln. |
2026 |
2027 |
2028 |
2029 |
2030 |
|---|---|---|---|---|---|
Begroting 2026 |
80,7 |
82,7 |
84,9 |
87,0 |
89,2 |
Kadernota 2027 |
84,9 |
87,1 |
89,4 |
91,7 |
94,1 |
Begroting 2027 |
84,9 |
87,1 |
89,4 |
91,7 |
94,1 |
Mutatie |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
Rendement vermogen
Het vermogen van de provincie neemt de komende jaren geleidelijk af. Ondanks de lagere rentetarieven op de geld- en kapitaalmarkt wordt er nog steeds een behoorlijk rendement behaald op het belegd vermogen.
Bedragen x € 1.000 |
Begroting 2026 |
Begroting 2027 |
Begroting 2028 |
Begroting 2029 |
Begroting 2030 |
|---|---|---|---|---|---|
Begroting 2026 |
5.700 |
4.600 |
3.700 |
2.800 |
2.100 |
Kadernota 2027 |
9.030 |
7.730 |
6.720 |
5.730 |
4.830 |
Begroting 2027 |
9.030 |
7.730 |
6.720 |
5.730 |
4.830 |
Mutatie |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
Dividend
Provincie Fryslân neemt deel in het aandelenkapitaal van een aantal bedrijven en ontvangt jaarlijks dividend. Hieronder zijn de verwachte dividendinkomsten van Alliander, Fryslân Hurde Wyn, BNG en NWB weergegeven.
Nb. Vanwege de grote investeringsopgave, wordt bij Vitens het jaarlijkse dividend niet uitgekeerd maar ingehouden ter versterking van het eigen vermogen.
Bedragen x € 1.000 |
Begroting 2026 |
Begroting 2027 |
Begroting 2028 |
Begroting 2029 |
Begroting 2030 |
|---|---|---|---|---|---|
Begroting 2026 |
7.804 |
8.016 |
8.238 |
8.343 |
8.592 |
Kadernota 2027 |
12.780 |
7.680 |
7.680 |
7.680 |
7.680 |
Begroting 2027 |
16.681 |
11.354 |
11.376 |
11.381 |
11.630 |
Mutatie |
3.901 |
3.674 |
3.696 |
3.701 |
3.950 |
Lasten
Nominale ontwikkeling
De indexcijfers worden ontleent aan de meest recente gegevens van het CEP (maart 2026).
Conform de uitgangspunten begroting (bijlage 8) worden aan bepaalde onderdelen in de begroting afwijkende inflatiepercentages toegekend.
In onderstaande tabel zijn de toegepaste indexcijfers voor structurele budgetten weergegeven en daarbij is tevens de omvang van de 'stelpost nominaal' in de begroting weergegeven.
2026 |
2027 |
2028 |
2029 |
2030 |
|
|---|---|---|---|---|---|
Nominaal lonen |
0,00% |
4,00% |
4,00% |
3,20% |
3,20% |
Nominaal goederen en diensten |
0,00% |
2,50% |
2,60% |
2,60% |
2,60% |
Bedragen x € 1 mln. |
2026 |
2027 |
2028 |
2029 |
2030 |
Begroting 2026 |
0,5 |
10,7 |
20,6 |
30,5 |
39,7 |
Kadernota 2027 |
0,5 |
13,4 |
24,9 |
36,2 |
47,7 |
Begroting 2027 *) |
0,8 |
1,7 |
13,2 |
24,5 |
35,9 |
*) De prijs en looninflatie voor 2027 zijn reeds aan de budgetten in de begroting toegerekend |
|||||
4 - Vrij Aanwendbare Reserve (VAR)
Terug naar navigatie - Ontwikkeling financieel kader - 4 - Vrij Aanwendbare Reserve (VAR)Hieronder staat de ontwikkeling van de VAR. Conform de afspraak met uw Staten vloeit het rekening- en begrotingssaldo aan het eind van het jaar automatisch in de VAR. Het rekeningsaldo 2025 en de verwachte begrotingssaldi 2026-2030 zijn hier in opgenomen.
In de financiële uitgangspunten is opgenomen dat de minimale stand van de VAR altijd € 10 mln. bedraagt. Aan het eind van deze bestuursperiode (2027) bedraagt het saldo, onder aftrek van een minimale stand van de VAR van € 10 mln., totaal € 287,4 mln. Zowel in de Kadernota 2027 als in de Berap 2026 zijn voorstellen opgenomen die ook in de jaren na 2027 beslag leggen op het begrotingssaldo en daarmee op de VAR. Deze zijn hieronder weergegeven waarmee het vrij inzetbare deel van de VAR eind 2027 uitkomt op € 157,5 mln, ervan uitgaande dat de baten en lasten zich conform de begroting ontwikkelen.
Bij de bepaling van de beschikbare weerstandscapaciteit (zie paragraaf 2 weerstandsvermogen) is uitgegaan van het vrij inzetbare deel plus de minimale stand van de VAR van € 10 mln.
VAR |
2026 |
2027 |
2028 |
2029 |
2030 |
|---|---|---|---|---|---|
Bedragen x € 1 mln. |
|||||
Beginsaldo |
292,6 |
305,3 |
297,4 |
301,4 |
317,7 |
Beschikking over reserve |
-37,0 |
-41,4 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
Begrotingssaldo |
49,7 |
33,5 |
4,0 |
16,3 |
3,9 |
Stand ultimo |
305,3 |
297,4 |
301,4 |
317,7 |
321,6 |
Minimale stand VAR |
-10,0 |
||||
Stand VAR ná mutaties |
287,4 |
301,4 |
317,7 |
321,6 |
|
Benodigd voor weerstandsratio 1,4 |
-28,0 |
||||
Kadernotavoorstellen 2027 jaren 2028-2035 |
-82,3 |
||||
Berap 2026 voorstellen 2028-2035 |
-19,6 |
||||
Vrij inzetbaar |
157,5 |
Eerder is toegelicht dat bij de Begroting 2024 het begrotingssaldo daalde door de investeringen uit het bestuursakkoord. Daarbij is aangegeven dat negatieve begrotingssaldi worden aangevuld vanuit de VAR. De opbouw van de beschikking over de VAR in de komende jaren staat in de tabel hieronder.
Vorming van en beschikking over reserve |
2026 |
2027 |
2028 |
2029 |
2030 |
|---|---|---|---|---|---|
Bedragen x € 1 mln. |
|||||
Beschikking over reserve |
|||||
Begroting 2024: dekking negatief begrotingssaldo |
37,0 |
41,4 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
Totaal |
37,0 |
41,4 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |