2. Infrastructurele projecten

Eerste bestuursrapportage

2019 is het jaar, waarin vooral gebiedsontwikkeling en de Extra Sneltrein Leeuwarden – Groningen centraal staat. Het knooppunt Joure, het aquaduct Drachtsterweg en de N31 traverse Harlingen zijn afgerond. Naast Leeuwarden VrijBaan, De Centrale As en de N381 welke eerder zijn opengesteld, is het hoofdwegennet in Fryslân grotendeels op orde. Aan gebiedsontwikkeling en Kansen in Kernen De Centrale As, de investeringsagenda Drachten Heerenveen en de verdubbeling van de N381 tot Oosterwolde wordt nog volop gewerkt. Aandachtspunten zijn nog de bruggen in de Afsluitdijk en Skarsterien (A6).

Bij de infrastructurele projecten werken wij intensief samen met het coördinatiepunt Social Return en de scholen voor middelbaar en hoger onderwijs via het coördinatiepunt Fiks. Door deze samenwerking dragen wij bij aan de sociale doelen en een verbetering van de aansluiting tussen onderwijs, bedrijfsleven en overheid.

Algemene projectrisico’s

Bij elk project staat een korte financiële toelichting. Nu we steeds meer projecten afronden, constateren we het risicoprofiel van de grote infrastructurele werken kleiner wordt. We weten inmiddels steeds meer. Wel doen zich projectspecifieke risico’s voor. Deze worden bij de afzonderlijke projecten benoemd. Programmabreed blijven de volgende algemene projectrisico’s gelden:

  • Faillissementen aannemers – Als een bouwproces loopt en de aannemer gaat failliet, ontstaat een financieel risico omdat een andere aannemer het werk moeten overnemen. Hier zijn altijd meerkosten aan verbonden. In de aanbesteding is hier waar mogelijk rekening mee gehouden (solvabiliteitstoets, bankgarantie). Om dit risico te beheersen wordt waar mogelijk enige ruimte gereserveerd binnen in de post onvoorzien van het projectbudget. Ook wordt met aannemers bekeken in hoeverre het mogelijk is om binnen de contractvoorwaarden de betalingsregeling zo in te richten dat een aannemer zo weinig mogelijk vooraf hoeft te financieren.
  • Prijsontwikkeling – met prijsontwikkeling is in de budgetten van de projecten rekening gehouden. Vooral in de rijksprojecten wordt de prijscompensatie geregeld via de toegekende IBOI. Deze kan lager liggen dan de werkelijke prijsontwikkeling. In 2017 was de IBOI 1,15% en is ook toegekend.
  • Calamiteiten en kwaliteitsproblemen in het bouwproces – Tijdens de bouw van grote projecten kunnen zich altijd calamiteiten en discussies over de gevraagde kwaliteit voordoen. In principe ligt de verantwoordelijkheid bij de aannemer, maar het vraagt in de praktijk altijd een inspanning van ons als opdrachtgever. Dit uit zich in gevolgen voor tijd en geld. In tijd, doordat projecten hierdoor vertragen. In geld, doordat projectorganisaties langer operationeel blijven en de juridische kosten die horen bij de verantwoordelijkheidsvraag. Door toezicht en controle op de werkplannen en de werkzaamheden, zowel op het terrein van de techniek en de veiligheid, beperken wij dit risico.
  • Meerwerkclaims – Sinds 2015 is een toename te merken van claims op meerwerk van aannemers in aantal en omvang. Een aanvullend risico is dat de afhandeling van deze claims doorloopt na afronding van het werk of dat claims pas na afronding worden ingediend. Zo loopt nog een hoger beroep van de aannemer van het project Rijksweg A7 Sneek. Op dat moment is de betreffende projectorganisatie in afbouw of niet meer operationeel. Hierdoor kan de kennis om de claims adequaat af te handelen verdwijnen en verhogen de juridische kosten om adequaat verweer te voeren. Om dit risico te beperken proberen wij met aannemers om de claims voor de afrekening af te wikkelen. In de praktijk blijkt dit geen garantie te bieden. Daarom besteden wij veel aandacht aan de juridische opbouw van de bouwdossiers. Bij mogelijke claims wordt een specifiek claimdossier opgebouwd. Daarnaast zorgen wij voor het borgen van kennis op langere termijn binnen de provinciale projectorganisatie.
  • Inhuur – De grote projecten zijn qua formatie voor ruim 70% afhankelijk van inhuur van personeel. De provincie is daardoor deels ook kwalitatief afhankelijk van de bij deze mensen aanwezige kennis bij de afronding van projecten en eventuele rechtszaken daarna. Omdat voor ingehuurd personeel het werk naar “het einde” loopt, is er bij hen noodzaak om op zoek te gaan naar nieuwe klussen. Dit leidt tot leegloop voordat het project is afgelopen. Dit wordt versterkt door de wens om de inhuur terug te dringen. Tegelijk maakt de nieuwe wetgeving met betrekking tot flexwerk het lastig nieuwe afspraken te maken met deze mensen. Bekeken wordt hoe de cruciale continuïteit in projecten gewaarborgd kan worden gedurende langere tijd, zodat bij claims of garantieaangelegenheden de kennis geborgd is.
  • Buitenlandse werknemers en de wet aanpak schijnconstructies – Vanaf 2015 is het probleem over de wijze waarop buitenlandse werknemers worden betaald zeer actueel geworden in de Friese projecten. Daarnaast is op 15 juli 2015 de Wet Aanpak Schijn-constructies (WAS) van kracht geworden. In deze wet is ook de ketenaansprakelijkheid geregeld en kunnen opdrachtgevers aan¬sprakelijk worden gesteld voor nabetaling van niet nagekomen cao-verplichtingen. De eerste melding hiervan hebben wij in juni 2016 gekregen. Het betrof medewerkers aan De Centrale As. Vanuit dat proces is het inkoop- en aanbestedingsbeleid aangescherpt. Provinciale Staten is hierover met verschillende brieven geïnformeerd.
  • Kabels en leidingen in de ondergrond – Met een aantal nutsbedrijven is discussie over het toepassingsbereik van de provinciale regeling kabels en leidingen. Bij de financiële en administratieve afhandeling kan dit nog leiden tot (juridische) discussies met de nutsbedrijven, waaruit financiële claims kunnen komen. Bij de infraprojecten waar dit vooral speelt is een reservering opgenomen voor dit risico.

Als er nog specifieke projectgebonden risico’s spelen, staan deze vermeld onder het kopje ‘Risico’s’ bij de afzonderlijke projecten.

1 Bereikbaarheidsprojecten Leeuwarden Vrij-Baan (programma 2)

Het bereikbaarheidsprogramma Leeuwarden Vrij-Baan is een programma aan infrastructurele werken waar Rijk, provincie en gemeente Leeuwarden samen aan werken. Het betreft meerdere projecten, mogelijk gecombineerd met gebiedsontwikkeling Nieuw Stroomland. De belangrijkste voor de provincie zijn:
a. Gebiedsontwikkeling N31 Haak om Leeuwarde
b. Biobased composietbrug Ritsumasyl

Gewenste resultaten

Beleid

Verwacht je dat eind 2019 de beleidsuitvoering verlopen is volgens de inhoudelijke afspraken in het onderliggende document waarin het beleid is vastgesteld (beleidsnota, etc.)?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Tijd

Verwacht je dat eind 2019 het gewenste resultaat is gerealiseerd? Of, als de einddatum voor de realisatie verder in de tijd ligt: Verwacht je dat je eind 2019 op schema ligt om het gewenste resultaat te realiseren binnen de afgesproken termijn?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Geld

Verwacht je dat geld een belemmerende factor is voor het behalen van het gewenste resultaat? Of verwacht je dat het beschikbare budget toereikend is om in 2019 de gewenste resultaten te realiseren?

  • Geld vormt geen belemmerende factor: er wordt geen onder- of overbesteding verwacht
  • Er is een kans op overschrijding
  • Er is een overschrijding
  Beleid Tijd Geld
1a N31 Haak om Leeuwarden
1b Biobased composietbrug Ritsumasyl

Welke besluiten hebben Provinciale Staten in 2019 genomen?
Er zijn geen besluiten genomen door PS.

Wat heeft het gekost?
Het project voltrekt zich nog steeds binnen de vastgestelde (financiële) kaders.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
De laatste werkzaamheden uit het Tracébesluit van Rijksweg 31 Leeuwarden (Haak om Leeuwarden) worden uitgevoerd. De gebiedsontwikkelingswerkzaamheden tussen Marsum en het Van Harinxmakanaal zijn in afrondende fase. De administratieve afhandeling (bijv. grondoverdracht tussen overheden) is in gang gezet.

De realisatie van de biobased fietsbrug over het Van Harinxmakanaal is in uitvoering gekomen. De brug is wereldwijd de eerste van deze omvang in deze materialisatie. Deze innovatie kan rekenen op (wereldwijde) belangstelling en heeft een NL Circular Award in de wacht gesleept op het Nationale Congres Circulaire Economie. De brug wordt in bouwteamverband ontwikkeld. Dit blijkt een zeer goede vorm van samenwerking tussen opdrachtgever (overheid), aannemer, producent en kennisinstellingen. In Q3 2019 wordt de brug opengesteld en in gebruik genomen.

De aanpassingen rondom rotondes Marsum (inclusief fietstunnel) worden integraal opgepakt met het herontwerp van het wegvak inclusief de nieuwe fietstunnel. Provinciale Waterstaat voert dit uit, projectbureau ondersteunt hierbij.

N.a.v. toezeggingen aan omgeving zijn er extra geluidsschermen langs de toerit van het aquaduct t.h.v. het Drachtsterplein geplaatst. Ook worden nog een aantal groenwerkzaamheden uitgevoerd. N.a.v. klachten t.a.v aanhoudende geluidsoverlast worden nu metingen verricht om na te gaan of er onbedoelde negatieve gevolgen opgetreden zijn.

De ecologische inrichting bij Tearnserwielen heeft vertraging opgelopen i.v.m. het niet verkrijgen van instemming van het Wetterskip. De vergunning is na bijstelling van de aanvraag afgegeven. De uitvoering kan pas najaar 2019 plaatsvinden i.v.m. beperkingen vanuit flora-fauna wetgeving.

Hoe hebben de genoemde risico’s zich ontwikkeld en zijn er nieuwe risico’s bijgekomen?
De uitgevoerde pilots t.b.v. de aanpak van de zoute kwelproblematiek zijn afgerond en ten opzichte van elkaar beoordeeld. Resultaten zijn voorgelegd aan stuurgroep en er is ingestemd met het uitwerken van maatwerkoplossingen voor de kunstwerken waarbij deze problematiek speelt. Monitoring nog steeds gaande. Bestuurlijk en ambtelijk zijn Provincie, RWS, Gemeente Leeuwarden en Wetterskip Fryslân goed aangehaakt.

2 Verruiming Prinses Margrietkanaal (programma infrastructuur)

Gewenste resultaten

Beleid

Verwacht je dat eind 2019 de beleidsuitvoering verlopen is volgens de inhoudelijke afspraken in het onderliggende document waarin het beleid is vastgesteld (beleidsnota, etc.)?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Tijd

Verwacht je dat eind 2019 het gewenste resultaat is gerealiseerd? Of, als de einddatum voor de realisatie verder in de tijd ligt: Verwacht je dat je eind 2019 op schema ligt om het gewenste resultaat te realiseren binnen de afgesproken termijn?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Geld

Verwacht je dat geld een belemmerende factor is voor het behalen van het gewenste resultaat? Of verwacht je dat het beschikbare budget toereikend is om in 2019 de gewenste resultaten te realiseren?

  • Geld vormt geen belemmerende factor: er wordt geen onder- of overbesteding verwacht
  • Er is een kans op overschrijding
  • Er is een overschrijding
  Beleid Tijd Geld
2 Verruiming Prinses Margrietkanaal

Aan de verruiming van de vaarweg liggen de volgende besluiten van provinciale staten ten grondslag:

  • In 1997 is het Plan van Aanpak Investeringen Fries-Groningse kanalen vastgesteld.
  • In februari 2012 is de overeenkomst vastgesteld met het rijk over overdracht Prinses Margrietkanaal en afkoop Van Harinxmakanaal.
  • In september 2012 is besluitvorming aan Provinciale Staten voorgelegd voor het uitvoeringskrediet voor de brug Burgum en de kanaalverlegging bij het aquaduct in de Centrale As.
  • In september 2013 is het milieueffectrapport (MER) voor Skûlenboarch Westkern beschikbaar gesteld voor openbare kennisgeving. Dit is onderdeel van het Provinciale inpassingplan voor het watergebonden bedrijventerrein aan de noordzijde van het Prinses Margrietkanaal.

Welke besluiten hebben Provinciale Staten in 2019 genomen?
Provinciale Staten hebben in 2019 geen besluiten genomen met betrekking tot de verruiming Vaarweg Lemmer-Delfzijl en worden ook niet voorzien voor dit jaar.
In het BO-Mirt van 2018 zijn tussen Rijk en de provincie Fryslân (en Groningen) een aantal afspraken gemaakt, die o.a een andere proces, rol en inzet van betrokken partijen betekenen. Dien ten gevolge is het Rijk dan ook voornemens het convenant getekend in 2014, te herzien.

  • Voor de Friese vaarwegen, natte bedrijventerreinen en havens hebben de Staten ingestemd met een provinciale vaarwegenvisie. De uitwerking daarvan zal in het najaar van 2019 aan de Staten worden voorgelegd.
  • Met betrekking tot zgn. fly-byterminals zal dit jaar een locatieonderzoek plaatsvinden. Met betrekking tot de zoekgebieden is het van belang dat het verzorgingsgebied van Heerenveen daar binnen valt. Het bedrijventerrein Skûlenboarch/Westkern is daarbij mogelijk in beeld.

Wat heeft het gekost?
Momenteel omvat de verruiming Prinses Margrietkanaal uitsluitend nog de nieuwbouw brug Burgum. Dit project ligt momenteel financieel op koers. Aangezien binnen het door het Rijk beschikbaar gestelde budget nog voldoende ruimte is, worden op verzoek van het Rijk nog aanvullende werkzaamheden nabij de brug uitgevoerd. Om deze werkzaamheden uit te kunnen voeren zal een gewijzigde beschikking door het Rijk worden afgegeven.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
De brug Burgum functioneert naar behoren. Het proces van acceptatie en overdracht van de brug aan Rijkswaterstaat loopt nog. De verwachting is, dat uiterlijk medio 2019 dit proces is afgerond en dat daarmee het eigendom, beheer en onderhoud van de brug en bij Rijkswaterstaat ligt. De financiële prognose is nog steeds dat het project binnen het beschikbare budget gerealiseerd wordt.

In het kader van de recente BO-Mirt is oa. afgesproken dat ter vervanging van de bruggen Kootstertille en Schuilenburg, de haalbaarheid van een aquaduct wordt onderzocht. Deze haalbaarheidstudie en de aanpak voor de bruggen Oudeschouw, Spannenburg en Uiterwellingerga is uitgewerkt in een startbeslissing voor een samenhangende MIRT-verkenning. De planning van Rijk is dat de uitkomsten van de MIRT-verkenning in het BO MIRT van najaar 2020 worden besproken. Dan zal ook pas duidelijk zijn of een aquaduct een alternatief is voor de bruggen Kootstertille

Hoe hebben de genoemde risico’s zich ontwikkeld en zijn er nieuwe risico’s bijgekomen?
Onderdeel van de BO-Mirt afspraken is de vervanging van de bruggen Spannenburg, Uitwellingerga en Oude Schouw met een verwachte opleverdata tussen 2024 – 2026. Momenteel kennen de bruggen Oude Schouw en Spannenburg al een aslastbeperking om verdere schade aan deze bruggen te voorkomen. Voor het zware wegverkeer betekent dit, omrijden.

3 N381, Drachten-Drentse grens

Gewenste resultaten

Beleid

Verwacht je dat eind 2019 de beleidsuitvoering verlopen is volgens de inhoudelijke afspraken in het onderliggende document waarin het beleid is vastgesteld (beleidsnota, etc.)?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Tijd

Verwacht je dat eind 2019 het gewenste resultaat is gerealiseerd? Of, als de einddatum voor de realisatie verder in de tijd ligt: Verwacht je dat je eind 2019 op schema ligt om het gewenste resultaat te realiseren binnen de afgesproken termijn?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Geld

Verwacht je dat geld een belemmerende factor is voor het behalen van het gewenste resultaat? Of verwacht je dat het beschikbare budget toereikend is om in 2019 de gewenste resultaten te realiseren?

  • Geld vormt geen belemmerende factor: er wordt geen onder- of overbesteding verwacht
  • Er is een kans op overschrijding
  • Er is een overschrijding
  Beleid Tijd Geld
3 N381 Drachten-Drentse grens

Welke besluiten hebben Provinciale Staten in 2019 genomen?
PS-besluiten tot nu toe, geen besluiten in 2019:
•  Realisatiebesluit N381 op 10 februari 2010;
•  Provinciaal Inpassingsplan (PIP) N381 vastgesteld op 30 november 2011;
•  Ontwerp VVGB voor omgevingsvergunning op 25 januari 2017;
•  VVGB voor omgevingsvergunning op 24 mei 2017.
In de Uitvoeringsagenda 2015-2019 “Mei elkenien foar elkenien” is opgenomen dat de N381 verder wordt verdubbeld tot Oosterwolde-Zuid.

Wat heeft het gekost?
Het project ligt financieel op koers. Het projectbudget van € 184,8 miljoen is toereikend en het project kent een gebruikelijk percentage onvoorzien om eventuele tegenvallers op te vangen. Tot en met maart 2019 is circa € 152,5 miljoen uitgegeven.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
Opdrachtnemer Heijmans is volop bezig met de uitvoering van het contract N381 verdubbeling Donkerbroek – Oosterwolde. De nieuwe toe- en afritten bij Donkerbroek zijn in gebruik genomen en de waterberging is aangepast.

De benodigde vergunningen voor het plaatsen van een kunstobject bij de Oude Willem in Appelscha zijn in maart aangevraagd bij de bevoegde gezagen.

Hoe hebben de genoemde risico’s zich ontwikkeld en zijn er nieuwe risico’s bijgekomen?
In de uitvoeringsfase blijven er risico’s ten aanzien van contract, techniek, omgeving, veiligheid & gezondheid. De risico’s worden geïnventariseerd en beheerst door middel van risicosessies en risicogestuurd contractbeheer.

  • De (technische en contractuele) uitvoeringsrisico’s zijn geminimaliseerd, omdat de definitieve ontwerpen van opdrachtnemer door opdrachtgever zijn geaccepteerd;
  • In verband met verkeersveiligheid en doorstroming is in maart een tijdelijke brug in gebruik genomen over de onderdoorgang bij ’t West in Donkerbroek. De overige omgeving risico’s worden beheerst door middel van frequente omgeving overleggen tussen opdrachtnemer en opdrachtgever. In deze overleggen worden omgevingszaken gezamenlijk besproken;
  • De risico’s ten aanzien van veiligheid & gezondheid worden beheerst door middel van (gezamenlijke) inspectierondes van de veiligheidskundigen van opdrachtnemer en opdrachtgever. Op basis van deze rondes worden, indien noodzakelijk, aanpassingen/ verbeteringen doorgevoerd.

4 De Centrale As (programma infrastructuur)

4a De weg en gebiedsontwikkeling

Gewenste resultaten

Beleid

Verwacht je dat eind 2019 de beleidsuitvoering verlopen is volgens de inhoudelijke afspraken in het onderliggende document waarin het beleid is vastgesteld (beleidsnota, etc.)?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Tijd

Verwacht je dat eind 2019 het gewenste resultaat is gerealiseerd? Of, als de einddatum voor de realisatie verder in de tijd ligt: Verwacht je dat je eind 2019 op schema ligt om het gewenste resultaat te realiseren binnen de afgesproken termijn?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Geld

Verwacht je dat geld een belemmerende factor is voor het behalen van het gewenste resultaat? Of verwacht je dat het beschikbare budget toereikend is om in 2019 de gewenste resultaten te realiseren?

  • Geld vormt geen belemmerende factor: er wordt geen onder- of overbesteding verwacht
  • Er is een kans op overschrijding
  • Er is een overschrijding
  Beleid Tijd Geld
4a De Centrale As - De weg en gebiedsontwikkeling

Welke besluiten hebben Provinciale Staten in 2019 genomen?
Er zijn geen besluiten genomen.

Wat heeft het gekost?
De 1e fase van de gebiedsontwikkeling is financieel geïntegreerd in het wegenproject De Centrale As. Vanuit de integrale aanpak blijkt dat de 1e fase gebiedsontwikkeling op koers ligt. Voor fase 2a en b is de provinciale bijdrage, met uitzondering van de financiering voor beheer en onderhoud van het landschap, gedekt. Voor landschapsonderhoud en een aantal recreatieve maatregelen moet de bijdrage van derden nog vastgelegd worden, zo heeft de gemeente Tytsjerksteradiel de cofinanciering voor fase 2 nog niet geregeld. In het najaar 2018 is PS uitgebreid geïnformeerd over de financiële stand van zaken fase 1 en 2. Op dit moment is de provincie in gesprek met de gemeenten over afrekening van de gebiedsontwikkeling fase 1 en de nog niet geregelde cofinanciering voor fase 2. De verwachting was dat in het voorjaar van 2019 PS nogmaals geïnformeerd zou worden over de definitieve invulling van de financiering van derden. Omdat de afspraken nog niet definitief zijn, wordt dit medio 2019 afgerond. PS zal dan geïnformeerd worden.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
De weg:
In het voorjaar van 2019 willen we de contracten voor de weg afronden. De werken in het noordelijk deel zijn afgerond op de werken aan het Bastion Dokkum na. Inmiddels is er overleg met de gemeente over de invulling en afronding hiervan. De werken in het midden deel zijn afgerond, behoudens een aantal restpunten. De financiële afronding van de contracten vindt in het voorjaar van 2019 plaats. De werken in het zuidelijk deel zijn geheel afgerond.

In 2018 is gewerkt aan de afronding van de ontwikkeling en uitvoering van de Motie Vreemd.
De verwachting was dat dit in 2018 zou worden afgerond. In samenspraak met de omgeving zijn er meer maatregelen naar voren gekomen dan vooraf verwacht. Inmiddels zijn de maatregelen in voorbereiding, afronding realisatie wordt medio 2019 verwacht.

Gebiedsontwikkeling:
Met het openstellen van de Sintrale As in 2016 is ook een aantal maatregelen uit de gebiedsontwikkeling in gebruik genomen en afgerond. De overige maatregelen worden in 2019 uitgevoerd, met uitzondering van landschapsherstel dat vanwege het voorkomen van kaalslag in het gebied een langere doorlooptijd kent. Voor een aantal maatregelen moet de grond nog verworven worden en voor een aantal maatregelen geldt dat de grondverwerving niet zal lukken en hierdoor niet doorgaan.

Hoe hebben de risico’s zich ontwikkeld?
Het grootste risico voor de gebiedsontwikkeling is de grondverwerving, omdat deze op basis van vrijwilligheid gaat. Hierdoor is gebleken dat een aantal maatregelen, voornamelijk wandel- en fietspaden niet door hebben kunnen gaan. Ook bij het herstel van houtsingels lopen we hier tegenaan. Dit risico is blijvend en betekent dat er meerdere maatregelen niet door kunnen gaan.

Een ander risico is de cofinanciering voor fase 2 van de gemeenten. De gemeente Tytsjerksteradiel heeft de cofinanciering nog niet geregeld en wil een mogelijke meevaller op fase 1 benutten voor fase 2. Hierover vinden gesprekken plaats. Medio 2019 wordt PS geïnformeerd over de definitieve invulling van de cofinanciering.

4b Kansen in Kernen

Gewenste resultaten

Beleid

Verwacht je dat eind 2019 de beleidsuitvoering verlopen is volgens de inhoudelijke afspraken in het onderliggende document waarin het beleid is vastgesteld (beleidsnota, etc.)?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Tijd

Verwacht je dat eind 2019 het gewenste resultaat is gerealiseerd? Of, als de einddatum voor de realisatie verder in de tijd ligt: Verwacht je dat je eind 2019 op schema ligt om het gewenste resultaat te realiseren binnen de afgesproken termijn?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Geld

Verwacht je dat geld een belemmerende factor is voor het behalen van het gewenste resultaat? Of verwacht je dat het beschikbare budget toereikend is om in 2019 de gewenste resultaten te realiseren?

  • Geld vormt geen belemmerende factor: er wordt geen onder- of overbesteding verwacht
  • Er is een kans op overschrijding
  • Er is een overschrijding
  Beleid Tijd Geld
4b De Centrale As – Kansen in Kernen

Welke besluiten hebben Provinciale Staten in 2019 genomen?
Er zijn in 2019 geen besluiten genomen door PS over Kansen in Kernen.

Wat heeft het gekost?
In 2015 hebben Provinciale Staten definitieve besluiten genomen over de maximale provinciale bijdrage aan Kansen In Kernen. Deze bijdrage bedraagt € 11,1 mln. De provincie verstrekt haar bijdrage via subsidies aan de gemeenten Tytsjerksteradiel en Dantumadiel. Het eerste gedeelte van de provinciale bijdrage, te weten € 3,2 mln, is in 2015 via een ANNO-subsidie aan de genoemde gemeenten beschikt. Het gaat hierbij om de voorbereidingskosten van de zes dorpen en de uitvoeringskosten van Kansen In Kernen Garyp. In 2016-2020 is in totaal maximaal € 7,9 mln beschikbaar aan provinciale bijdrage voor de uitvoering van Kansen in Kernen. Dit betekent dat voor de gemeente Tytsjerksteradiel maximaal € 3,6 mln en voor de gemeente Dantumadiel maximaal € 4,3 mln aan subsidie beschikbaar is. In 2016 hebben de gemeenten een subsidiebeschikking ontvangen voor de uitvoering van Kansen in Kernen ter grootte van deze bedragen.

Wat willen we bereiken?
In 2019 wordt gestart met de herinrichting van het park en het transferium (de omgeving van het station) in Feanwâlden en het Stationskwartier in Hurdegaryp. De aanvankelijke planning was dat beide projecten eind 2019 gereed zouden zijn. Door o.a. een verschuiving van de treinvrije periode bij het ESGL-project van de zomervakantie 2019 naar de herfstvakantie 2019, vindt de aanbesteding van het werk Stationskwartier Hurdegaryp later plaats en wordt doorloop naar 2020 voorzien. Er is een begrotingswijziging bijgevoegd om het beschikbare budget in het juiste bestedingsritme te plaatsen.
Dit zijn de laatste twee deelprojecten van Kansen in Kernen. De herinrichting van KIK Garyp, KIK Burgum, KIK Hurdegaryp-doarp, KIK Damwâld en KIK De Falom is inmiddels gereed.

Hoe hebben de risico’s zich ontwikkeld?
In de bestuursovereenkomst De Centrale As (maart 2007) en de basisafspraken Kansen in Kernen (sept 2014) is vastgelegd dat de beide gemeenten projectverantwoordelijke zijn en daarmee risicodragend. De provincie faciliteert, zowel financieel als in menskracht. De procesmanager Kansen in Kernen van de provincie treedt op als regisseur en borgt de provinciale belangen. Risico is dat de provincie hiermee indirect stuurt op het project. Dit risico beheersen we door het instellen van een kernteam dat de provincie voorzit én een gezamenlijke financiële beheersing.

5 Investeringsagenda Drachten-Heerenveen

Gewenste resultaten

Beleid

Verwacht je dat eind 2019 de beleidsuitvoering verlopen is volgens de inhoudelijke afspraken in het onderliggende document waarin het beleid is vastgesteld (beleidsnota, etc.)?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Tijd

Verwacht je dat eind 2019 het gewenste resultaat is gerealiseerd? Of, als de einddatum voor de realisatie verder in de tijd ligt: Verwacht je dat je eind 2019 op schema ligt om het gewenste resultaat te realiseren binnen de afgesproken termijn?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Geld

Verwacht je dat geld een belemmerende factor is voor het behalen van het gewenste resultaat? Of verwacht je dat het beschikbare budget toereikend is om in 2019 de gewenste resultaten te realiseren?

  • Geld vormt geen belemmerende factor: er wordt geen onder- of overbesteding verwacht
  • Er is een kans op overschrijding
  • Er is een overschrijding
  Beleid Tijd Geld
5 Investeringsagenda Drachten-Heerenveen

Welke besluiten hebben Provinciale Staten in 2019 genomen?
In 2019 zijn geen besluiten genomen over de investeringsagenda Drachten – Heerenveen.

Wat heeft het gekost?
Naar verwachting zal eind 2018 circa € 43 mln euro zijn uitgegeven van de € 70,9 mln.
In 2018 zijn de projecten grotendeels afgerond. De projecten Oostelijke Poort Merengebied en Bereikbaarheid Gebiedsontwikkeling Heerenveen hebben uitstel gekregen en dienen uiterlijk 1 juli 2019 in uitvoering te zijn genomen. Ook de projectperiode voor het Innovatiehuis is verlengd, tot 2020. Het project De Welle wordt naar verwachting beschikt in 2019 en start qua uitvoering dan ook.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
De Investeringsagenda Drachten Heerenveen (IDH) kent een looptijd van 4 jaren (2014 – 2017). Voor de projecten Oostelijke Poort Merengebied en Bereikbaarheid Gebiedsontwikkeling Heerenveen geldt dat deze datum niet gehaald wordt; beide projecten hebben uitstel gekregen tot 1 juli 2019. Ook De Welle en Innovatiehuis Drachten kennen een langere doorlooptijd dan de IDH als programma. Voor de projecten die wel tijdig in uitvoering zijn genomen geldt in een aantal gevallen dat de uitvoering nog doorloopt.

In 2019 zal er niet meer op programmaniveau worden gerapporteerd over de Investeringsagenda. Wel zullen we in 2019 over de losse projecten nog rapporteren. Dit zijn Oostelijke Poort Friese Merengebied, De Welle en Bereikbaarheid Heerenveen.

Hoe hebben de risico’s zich ontwikkeld?
Vanuit de Investeringsagenda is € 6 mln toegekend aan het project De Welle.
Binnen de Investeringsagenda is momenteel € 5 mln beschikbaar, hierdoor ontstaat er een nieuw taakstellende bezuinigsopgave van € 1 mln. Vanuit de resterende projecten die nog in uitvoering zijn, zal gekeken worden op welke wijze invulling gegeven kan worden aan de taakstelling van de gemeente Smallingerland.

De subsidies die worden verleend voor de afzonderlijke projecten zijn taakstellend en gemaximeerd. Dit houdt in dat financiële risico’s voor rekening komen van de betreffende gemeente zijn.

Voor het project Oudega aan het Water geldt dat de provincie mede-opdrachtgever is geworden, en hiermee verantwoordelijk voor 50% van de eventuele risico’s. De provincie voert samen met de gemeente Smallingerland de regie van het project, waardoor we beter kunnen sturen op eventuele risico’s. De provinciale financiële bijdrage aan het project is taakstellend; een eventuele budgetoverschrijding zal leiden tot het beperken van de scope van het project. De planning voor dit project is ambitieus en mede-afhankelijk van de voortgang op het grondverwervingsdossier en de bijbehorende ruimtelijke planvorming.

6 RSP Spoorprojecten (programma infrastructuur)

Gewenste resultaten

Beleid

Verwacht je dat eind 2019 de beleidsuitvoering verlopen is volgens de inhoudelijke afspraken in het onderliggende document waarin het beleid is vastgesteld (beleidsnota, etc.)?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Tijd

Verwacht je dat eind 2019 het gewenste resultaat is gerealiseerd? Of, als de einddatum voor de realisatie verder in de tijd ligt: Verwacht je dat je eind 2019 op schema ligt om het gewenste resultaat te realiseren binnen de afgesproken termijn?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Geld

Verwacht je dat geld een belemmerende factor is voor het behalen van het gewenste resultaat? Of verwacht je dat het beschikbare budget toereikend is om in 2019 de gewenste resultaten te realiseren?

  • Geld vormt geen belemmerende factor: er wordt geen onder- of overbesteding verwacht
  • Er is een kans op overschrijding
  • Er is een overschrijding
  Beleid Tijd Geld
6a Capaciteitsvergroting Leeuwarden – Zwolle
6b Capaciteitsvergroting Leeuwarden – Groningen
6c Station Werpsterhoeke
6d Capaciteitsvergroting Leeuwarden – Sneek

Algemeen
De Spoorprojecten zijn onder te verdelen in vier hoofdprojecten:

  • Capaciteitsvergroting van de spoorverbinding Leeuwarden-Zwolle voor de uitbreiding van het aantal treinen van twee naar vier per uur in beide richtingen.
  • Capaciteitsvergroting van de spoorverbinding Leeuwarden-Groningen voor de tweede sneltrein die gaat rijden.
  • Aanleg van station Werpsterhoeke met een onderdoorgang voor gemotoriseerd verkeer en een onderdoorgang voor fietsers en voetgangers.
  • Capaciteitsvergroting van de spoorverbinding Leeuwarden – Sneek gaat over de infrastructurele maatregelen die nodig zijn om een 4de trein per uur te laten rijden tussen Leeuwarden en Sneek.

6a. Capaciteitsvergroting spoorverbinding Leeuwarden-Zwolle

Welke besluiten zijn er nog genomen in het jaar 2019 door Provinciale Staten?
Provinciale Staten hebben in het eerste kwartaal van 2019 geen besluiten genomen.

Wat heeft het gekost?
Spooruitbreiding Zwolle-Herfte
Afgezien van de vaste bijdrage vanuit de RSP-middelen komen de kosten voor Herfte-Zwolle en ZwolleSpoort niet ten laste van de regio.

Stroomvoorziening (tractie) Leeuwarden – Meppel
Voor het op orde brengen van de stroomvoorziening (tractie) tussen Leeuwarden en Meppel is een budget beschikbaar van € 5,6 miljoen. Dit bedrag is in 2017 en 2018 volledig door ProRail uitgegeven. De kosten die in Q1 zijn gemaakt zijn voor rekening van ProRail. De provincie is voor dit project namelijk geen risicodrager.

Overige maatregelen Leeuwarden-Zwolle
Tussen Meppel en Zwolle zijn overwegveiligheidsmaatregelen nodig. Deze maatregelen zijn geraamd op € 0,5 mln. Dit bedrag is beschikbaar gesteld vanuit de Motie Koopmans middelen.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
1. Spooruitbreiding Zwolle-Herfte
Het project Zwolle – Herfte wordt uitgevoerd in twee contracten. Te weten een contract voor de aanpassing van station Zwolle en een contract voor de extra sporen tussen station Zwolle en Herfte. ProRail wilde in Q1 bezig met de aanpassing van het spooremplacement (opstel- en servicesporen) aan de zuidwestkant van station Zwolle. Ook wilde ProRail buiten bezig zijn met de voorbereidingen van de uitbreiding van het spoortraject Zwolle-Herfte met twee extra sporen. Beide is gelukt.

2. Tractie Leeuwarden – Meppel
Het was de bedoeling om het onderstation (transformatiehuisje) bij Grou aan te sluiten op een tweede voedingskabel. Dit is gelukt. Hiermee is het project ‘Tractie Leeuwarden – Meppel’ afgerond.

3. Overige maatregelen Leeuwarden-Zwolle
De Sprinters tussen Leeuwarden en Meppel moeten vanaf de dienstregeling 2021 doorrijden naar Zwolle. Hiervoor moeten er tussen Meppel en Zwolle nog enkele kleine overwegmaatregelen worden uitgevoerd. De tractie tussen Meppel en Zwolle is ook nog niet op orde. Het was de bedoeling dat ProRail zou starten met een onderzoek naar de te nemen maatregelen. Dit is nog niet gebeurd. ProRail heeft inmiddels wel een projectleider voor deze opgave aangesteld.

Hoe hebben de genoemde risico’s zicht ontwikkeld en zijn er nieuwe risico’s bijgekomen?
Vanaf de dienstregeling 2021 moeten er vier treinen rijden tussen Leeuwarden en Zwolle. Twee Intercity’s en twee Sprinters, waarbij de Sprinters aansluiting geven in Zwolle op andere treinen. Mogelijk is de spoorinfrastructuur in Meppel dan een knelpunt. Dat geldt ook voor de beweegbare spoorbruggen tussen Leeuwarden en Meppel. Er zijn echter dienstregelingsvarianten waarbij station Meppel niet hoeft te worden aangepast. Ook is er een dienstregeling mogelijk waarbij de beweegbare spoorbruggen minder een knelpunt zijn. Samen met Overijssel, Drenthe, NS en ProRail moet uiterlijk in 2020 een keuze worden gemaakt voor een dienstregeling. Hierbij moet worden bepaald waar de Intercity stopt en waar de Sprinter aansluiting moet geven op de andere treinen.

6b. Capaciteitsvergroting spoorverbinding Leeuwarden-Groningen

Welke besluiten zijn er nog genomen in het jaar 2019 door Provinciale Staten?
Door PS zijn in 2019 geen besluiten genomen over de capaciteitsvergroting Leeuwarden – Groningen.

Wat heeft het gekost?
Van het totale budget dat beschikbaar is voor de spoorverbinding Leeuwarden-Groningen is tot nu toe € 74 miljoen uitgegeven.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
In februari wilden we de onderdoorgang Hurdegaryp in het spoor schuiven. Dit is zonder problemen gebeurd. Daarnaast moest er verder worden gegaan met het aanleggen van het tweede spoor tussen Zuidhorn en Hoogkerk. Hiervoor is het baanlichaam nu aangelegd en volgens planning gelukt.

Hoe hebben de genoemde risico’s zich ontwikkeld en zijn er nieuwe risico’s bijgekomen?
Op 20 februari j.l. heeft de Raad van State een (tussen)uitspraak gedaan over de beroepsprocedures tegen het tracébesluit ESGL. De Raad van State heeft bijna alle beroepen ongegrond verklaard. Een drietal beroepen is op onderdelen gegrond. Hiervoor heeft de staatsecretaris de opdracht gekregen om voor deze onderdelen een zogenaamd herbesluit te nemen, waarin zij haar besluit nader onderbouwd. Het gaat hierbij om aanvullende onderzoeken voor Laag Frequent Geluid en een aanvullend onderzoek voor de locatie om die is bestemd voor groencompensatie. Dit herbesluit neemt de staatssecretaris in juni 2019. Dit hindert de uitvoering en de planning van het project niet. Daarmee gaan wij er vanuit dat de extra sneltrein conform de planning eind 2020 kan gaan rijden.

Het totale project bestaat uit drie onderdelen. Het grootste onderdeel bestaat uit al het spoorse werk (spoorinfra). Daarnaast is er een onderdeel onderdoorgang Hurdegaryp en een onderdeel onderdoorgang Paterswoldseweg. De provincies Groningen en Fryslân zijn gezamenlijk opdrachtgever en risicodrager van het onderdeel spoorinfra. Voor de onderdoorgang in Hurdegaryp is de provincie Fryslân volledig risicodrager. Groningen is dat voor de onderdoorgang Paterswoldseweg.

Zowel bij de voorbereiding als tijdens de uitvoering zijn verschillende zaken aan het licht gekomen die nog niet goed waren geregeld voor het onderdeel spoorinfra. Er is relatief veel meerwerk in behandeling bij de aannemer. ProRail geeft hierover aan dat de werkwijze van de aannemer op onderdelen anders moest worden. Daarnaast bleken zaken bij de uitvoering anders dan was aangenomen tijdens de aanbesteding van de contracten.
Ook moest ProRail extra kosten maken omdat verschillende conditioneringswerkzaamheden later zijn afgerond en/ of de kosten hiervan hoger uitvielen. Hierbij valt te denken aan het verleggen van kabels en leidingen en grond die later en tegen hogere prijzen verworven zijn, dan aanvankelijk ingeschat.

De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), het bevoegd gezag voor het verlenen van de ontheffing Wet Natuurbescherming, heeft als eis gesteld dat er tijdig een geschikte leefomgeving is gecreëerd voor de poelkikker. RVO en de projectorganisatie hebben over de te nemen maatregelen overeenstemming bereikt.

De verwachting op dit moment is dat de tegenvallers op het onderdeel spoorinfra nog opgevangen kunnen worden binnen de financiële kaders, zoals uw staten die hebben meegegeven. Met ProRail vindt het gesprek plaats hoe verdere tegenvallers voorkomen kunnen worden. Het projectonderdeel dat door de provincie Fryslân wordt getrokken, de spooronderdoorgang Hurdegaryp en aansluitende infrastructuur, kent een positief resultaat. Op dit moment is dit positieve resultaat nodig om de tegenvallers op het spoorinfradeel op te vangen.

6c. Station Werpsterhoeke

Welke besluiten zijn er nog genomen in het jaar 2019 door Provinciale Staten?
Provinciale Staten hebben in het eerste kwartaal van 2019 geen besluiten genomen.

Wat heeft het gekost?
Tot en met maart 2019 is €18,6 miljoen inclusief btw verplicht en/of uitgegeven uit het RSP-budget voor station Werpsterhoeke. Voor de realisatie van beide onderdoorgangen (fase 1) is een totaalbudget beschikbaar van € 21 miljoen (prijspeil 2014). Daarnaast is vanuit de motie Koopmans voor het opheffen van de overweg Nije Werpsterdiek een bedrag van € 250.000,- beschikbaar gesteld. Hiervan is nog niets uitgegeven.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
De planning was om de auto-onderdoorgang in november 2018 in gebruik te nemen. Dit is niet gelukt omdat het realiseren van de extra pompinstallatie langer duurde dan verwacht. Naar verwachting wordt deze onderdoorgang nu mei 2019 opengesteld.

Direct ten noorden en zuiden van de onderdoorgangen liggen overwegen: de overweg Barrahûs en de overweg Nije Werpsterdyk. We wilden we een start maken met het opheffen van beide overwegen. Hiervoor is een projectteam samengesteld.

Hoe hebben de genoemde risico’s zich ontwikkeld en zijn er nieuwe risico’s bijgekomen?

  • In tegenstelling tot de verwachtingen kan het zijn dat de extra pompinstallatie het probleem van het extra kwelwater niet oplost. Dit wordt gemonitord.
  • Er is een risico dat de overdracht van de auto-onderdoorgang in mei 2019 niet tot stand komt. Voor de overdracht vindt een inspectie plaats door ProRail en gemeente Leeuwarden zodat gebreken tijdig worden gesignaleerd en opgelost.
  • Met de omgeving is afgesproken dat de overweg Barrahûs pas wordt afgesloten als het station Werpsterhoeke wordt gerealiseerd. Als dit eerder gebeurt, dient de omgeving hiermee in te stemmen. Er is een risico dat de omgeving wil wachten tot het station is gerealiseerd. De overweg Nije Werpsterhoeke wordt sowieso afgesloten als de auto-onderdoorgang in gebruik is genomen.

6d. Capaciteitsvergroting spoorverbinding Leeuwarden – Sneek

Welke besluiten zijn er nog genomen in het jaar 2019 door Provinciale Staten?
Door Provinciale Staten zijn geen besluiten genomen.

Wat heeft het gekost?
De planuitwerkingsfase heeft tot nu toe € 1,1 miljoen gekost. De kosten die ProRail heeft gemaakt voor het onderzoek naar de tijdelijke oplossing bedragen €100.000,-. Dit bedrag is door ProRail voorgeschoten.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
In 2018 heeft de provincie samen met ProRail en Arriva een tijdelijke oplossing bedacht en uitgewerkt waarbij in de ochtendspits alleen vier treinen per uur rijden van Sneek naar Leeuwarden. Bij deze oplossing kunnen er maar twee treinen stoppen in Mantgum. Van Leeuwarden naar Sneek rijden er dan twee (lange) treinen per uur. In de middagspits is dit omgekeerd. Voor deze tijdelijke oplossing moeten er naast de aanpassingen aan het spooremplacement in Leeuwarden ook maatregelen worden getroffen bij Mantgum. Het streven is nog steeds om tijdens de spits in beide richtingen vier treinen te laten rijden die alle in Mantgum stoppen.
In de begroting voor 2019 staat dat we starten met de planuitwerking van de maatregelen van deze tijdelijke oplossing bij Mantgum. Dit is gebeurd.

Hoe hebben de genoemde risico’s zich ontwikkeld en zijn er nieuwe risico’s bijgekomen?

  • Het project is nu gericht op een tijdelijke oplossing zoals hierboven genoemd. De bedachte oplossing is nieuw voor ProRail. Het risico is dat een dergelijke oplossing op grond van bestaande regelgeving binnen ProRail (nog) niet wordt toegestaan.
  • Risico kan zijn dat de kosten voor de maatregelen op het emplacement in Leeuwarden hoger uitvallen dat de beschikbare middelen.
  • Ook bestaat er het risico dat er niet op tijd een aannemer gevonden wordt om de werkzaamheden voor de tijdelijke maatregel uit te voeren.
  • We blijven ons inzetten voor een dienstregeling met 4 treinen in beide richtingen tijdens de Spits. Voor deze definitieve situatie is een bedrag nodig van € 20 tot € 36 mln. nodig. Het risico is aanwezig dit bedrag niet beschikbaar komt.
Print deze pagina