9.3 Overige projecten

9 Heerenveen, stad van Sport (Nieuw Thialf) (programma mienskip)

Het doel is een schaatsaccommodatie te realiseren die voldoet aan de normen van deze tijd, bestemd voor (topsport)wedstrijden, (topsport)trainingen en recreatiesport en behoud van de A-status. De ambitie is om het schaatshart van de wereld te worden met het snelste ijs.

Het project wordt uitgevoerd onder de verantwoordelijkheid van Thialf Onroerendgoed (OG) BV, waarin de provincie voor 2/3 deel aandeelhouder is en de gemeente Heerenveen voor 1/3 deel. Het project bestaat uit vier onderdelen:

  1. Het vernieuwen van het schaatscomplex (geregeld);
  2. Het herstructureren van de Thialf organisatie (geregeld);
  3. Het voorlopig uitbesteden van de horecaexploitatie (eind 2016 plaatsgevonden);
  4. Het vernieuwde Thialf is eind januari 2017 officieel geopend.

De provincie is als aandeelhouder én subsidieverstrekker betrokken bij het project.

PS-besluiten

Op 26 juni 2013 hebben Provinciale Staten groen licht gegeven voor deelname in de rechtspersoon Thialf en daarnaast € 50 mln. subsidie beschikbaar gesteld voor de vernieuwbouw van de wedstrijdhal.

Financiële stand van zaken

De subsidie van de provincie bedraagt € 20 mln. REP en € 30 mln. Nuon (WfF), in kasritme uit te keren over de jaren 2013-2017. Voor de overname van de aandelen (2/3) is € 4 mln. uitgetrokken.  Ook is er een lening verstrekt door FSFE voor de aanleg zonnepanelen.

Wat gaan we doen in 2018

De directie van Thialf moet na oplevering van de (ver)bouw van de ijshal de noodzakelijke voorwaarden scheppen voor een exploitatie die minimaal budgettair neutraal moet zijn. Zo moet de exploitatie vervolgens, conform de voorwaarden die door de Europese Commissie zijn voorgeschreven, ook aanbesteed worden. Periodiek rapporteert de directie van Thialf middels een halfjaarsrapportage, inclusief een risicoparagraaf en voorstel tot aanpak daarvan,  over de exploitatie en over voortgang van het aanbestedingsproces.

Risico’s

Risico’s staatssteun:
Er is geen staatssteunrisico voor de ijshal: de Europese Commissie heeft ingestemd met het financieel voorstel.

Risico’s exploitatie:

  • De definitieve aanbesteding van de gehele exploitatie na realisatie verbouw: niet tijdig (binnen de termijn van de Europese aanbestedingsregels) en niet haalbaar (commerciele exploitatie is aanrekkelijk). Beheersmaatregel: hierover vindt maandelijks overleg plaats.
  • IJshal Leeuwarden: streven is versterken, niet beconcurreren.  We faciliteren om een goede samenwerking, rekening houdende met wet- en regelgeving daaromtrent, tussen ijshal Leeuwarden en Thialf te verkrijgen.
  • Weinig opbrengsten uit schaatshal. Het nakomen van de afspraken door de KNSB en ISU over wedstrijden in de toekomst (vier wedstrijden per jaar gedurende vijf jaar): een minimale hoeveelheid wedstrijden is van belang voor gezonde exploitatie.

10   RUG / Campus Fryslân (programma meinskip)

PS-besluiten

Op 15 december 2015 hebben Provinciale Staten besloten € 16,83 mln. te investeren in de ontwikkeling van een Campus Fryslân, de elfde faculteit van de Rijksuniversiteit Groningen gevestigd in Leeuwarden. Daarnaast zullen de resterende middelen van University Campus Fryslân (UCF), ca. € 1 mln., overgeheveld worden naar het budget RUG/Campus Fryslân. Verder hebben Provinciale Staten ingestemd om in 2020 een brede evaluatie te houden over het programma RUG/Campus Fryslân in samenwerking met de RUG en de gemeente Leeuwarden.

Financiële stand van zaken

In totaal kost het project  RUG/Campus Fryslân € 57,1 mln. voor de periode 2016-2023. Na 2023 kan RUG/Campus Fryslân naar verwachting zichzelf bekostigen.

De verdeling ziet er als volgt uit:

Provincie Fryslân                   €  17,83 mln.

Gemeente Leeuwarden         €    3,33 mln.

RUG                                       €  29,94 mln.

Derden                                   €    5,67 mln.

Stelpost                                  €    0,33 mln.

Totaal                                     €  57,1   mln.

Naar verwachting zal in 2018 een voorschot van € 3,6 mln. van de subsidie aan RUG/Campus Fryslân worden overgemaakt voor de realisatie van RUG/Campus Fryslân. Dit bedrag is onder voorbehoud. De jaarlijkse begroting van de RUG/Campus Fryslân is bepalend hiervoor.

Wat gaan we doen?

De RUG/Campus Fryslân omvat de volgende onderdelen.

  • Een residentieel bachelor college voor 600 studenten (200 studenten p/j de eerste drie jaar). Bachelor college van start op 1 september 2018.
  • Tien masteropleidingen in samenwerking met de andere hogescholen en universiteiten op de Friese hotspots; dit zijn 1-jarige opleidingen met per master circa 40 studenten. In totaal moeten er in 2013 400 masterstudenten zijn. Momenteel doorlopen verschillende nieuwe masteropleidingen het traject van accreditatie. Indien deze trajecten positief zijn afgerond, gaan ze van start in 2018.
  • Premasters; dit zijn 1-jarige schakelklassen voor HBO afgestudeerden die daarna een masteropleiding willen volgen. Deze opleidingen zijn vooral interessant voor studenten die aan de Friese HBO´s afstuderen. De hogescholen zijn begonnen met het ontwikkelen en aanbieden van enkele premasters die aansluiten op de masters van RUG/Campus Fryslân. Deze ontwikkeling gaat door in 2018.
  • Onderzoeksschool met jaarlijks 15 promovendi t.b.v. onderzoek gericht op de Friese hotspots, dit in samenwerking met het Friese bedrijfsleven. Inmiddels zijn de 35 promovendi uit UCF1 ondergebracht in de graduate school van RUG CF en worden, evenals in 2017, ook in 2018 nieuwe promovendi aangetrokken.Er worden jaarlijks minimaal 4 voortgangsgesprekken met RUG/Campus Fryslân gevoerd en er is minimaal 1 bestuurlijk overleg. Daarnaast wordt twee maal per jaar aan Provinciale Staten gerapporteerd over de voortgang van RUG/Campus Fryslân. Voorts hebben drie universiteiten, 4 hogescholen, 6 kennisinstellingen, 1 bibliotheek en de gemeente Leeuwarden en de provincie zich met de ondertekening van het Hoger-Onderwijsakkoord Fryslân op 24 juni 2016 verbonden aan samenwerking met RUG/Campus Fryslân. Het doel van deze samenwerking is om aan het niveau van het Friese hoger onderwijs een impuls te geven. De provincie is initiatiefnemer van de totstandkoming van dit akkoord. In 2018 willen wij minimaal een keer een breed overleg met deze partijen organiseren. Het doel is om zorg te dragen voor de afstemming van de opleidingen die een groot deel van deze partijen verzorgen én om de verbondenheid van deze partijen met RUG/Campus Fryslân te bestendigen.

Risico’s

Macrodoelmatigheidstoets en accreditatietoets: Het doorlopen van de toetsing van deze twee commissies is bepalend voor het tempo van de voortgang van de masters en het ba-chelor college. Met name het tijdpad dat is aangehouden in de business case voor het bachelorcollege was ambitieus. De RUG heeft besloten om 1 september 2018 als aanvangsdatum aan te houden voor de start van het bachelor college en hiervoor dus een jaar extra de tijd te nemen. Inmiddels heeft de doelmatigheidscommissie een positief oordeel afgegeven voor het bachelor programma en wordt in de loop van 2017 de accreditatie verwacht. Wanneer een opleiding de toetsing met goed gevolg doorloopt, is rijksfinanciering geborgd.

Te weinig studenten: De ambities in de plannen van RUG/Campus Fryslân zijn hoog. Er bestaat daarom in het ontwikkelplan het risico dat de gestelde aannames voor studentenaan-tallen niet worden gehaald. De RUG gaat uit van een periode van zes à zeven jaar om 1000 studenten en 50 promovendi aan Fryslân te binden. De RUG draagt het financiële risico wanneer er sprake is van een lagere instroom van studenten. In 2020 zal de RUG samen met de provincie en de gemeente een tussenbalans opmaken, waarbij we onderzoeken hoe het gesteld is met het toekomstperspectief en -bestendigheid van RUG/CF.

Imago Leeuwarden als (studie)stad: Leeuwarden heeft geen vergelijkbaar imago als studiestad Groningen. Een risico is ook de nabijheid van Groningen, met als gevolg dat er te weinig studenten in Leeuwarden komen wonen. Binnen de planvorming van Campus Fryslân hebben de partijen afspraken gemaakt om de krachten te bundelen en een aansprekend programma te ontwikkelen voor het bevorderen van het academisch klimaat in Leeuwarden. Dit programma moet in 2018 worden uitgevoerd. Het residentieel college (bachelorstudenten wonen het 1e jaar op de campus) kan een belangrijke bijdrage aan leveren aan de omvang van het aantal studenten dat in Leeuwarden woont.

11   Leeuwarden – Fryslân 2018 (programma mienskip)

Leeuwarden is op 6 september 2013 uitgeroepen tot Europese Culturele Hoofdstad in 2018. Leeuwarden – Fryslân presenteert zich in 2018 namens Nederland op Europees niveau met min­stens 40 grote culturele evenementen en honderden mienskipsprojecten, verspreid over heel Fryslân. Leeuwarden – Fryslân 2018 moet een breed volksfeest worden waaraan heel Fryslân, jong en oud, kan en wil meedoen, met blijvende effecten. Voor de culturele evenementen is de stichting Kulturele Haadstêd 2018 verant­woordelijk. Voor de programma’s en projecten voor de lange termijn, de legacy, zijn met name de provincie en gemeente Leeuwarden verantwoordelijk.

PS-besluiten

In 2012 hebben Provinciale Staten ingestemd met het inhoudelijk en financieel

ondersteunen van de kandidatuur van Leeuwarden als Europese Culturele Hoofdstad in 2018 namens Nederland.

Op 21 juni 2017 hebben Provinciale Staten besloten om aanvullende middelen beschikbaar te stellen in 2017 en garantievoorzieningen te treffen voor 2018 om van Leeuwarden-Fryslân 2018 een succes te maken.

Financiële stand van zaken

In de meerjarenbegroting van de provincie is voor een bedrag van € 15,8 mln. aan subsidie opgenomen voor de uitvoering van het Bidbook door stichting Kulturele Haadstêd 2018. Waarvan tot en met het jaar 2017 een subsidiebedrag van in totaal € 11,65 mln. en voor 2018 € 4,15 mln. beschikbaar is gesteld. Daarnaast is door uw Staten op 21 juni 2017 een bedrag van € 2,25 mln. beschikbaar gesteld.

Daarnaast zijn middelen beschikbaar gesteld voor een risicovoorziening van € 2 miljoen – voor nog te realiseren sponsoring en de BTW van de Rijksbijdrage – en een waarborgfonds van € 1 miljoen voor ticketrisico’s bij Friese kwetsbare producties die sterk afhankelijk zijn van ticketopbrengsten. Deze middelen zullen alleen ingezet worden als deze risico’s zich daadwerkelijk voordoen.

Wat gaan we doen in 2018

In 2018 is het zover, het Culturele Hoofdstad jaar. De Stichting is verantwoordelijk voor de uitvoering van het culturele programma in 2018 volgens het bidbook. De gemeente Leeuwarden en de provincie ondersteunen de Stichting hierbij. We onderhouden een goede samenwerking met de gemeente Leeuwarden en de stichting Kulturele Haadstêd 2018 op het gebied van het facilitaire programma, waaronder marketing en monitoring en evaluatie, voor Kulturele Haadstêd 2018.

De overheden zorgen voor inbedding van de 32 lange termijn doelen uit het bidbook, en de doorontwikkeling van een legacy-aanpak om de energie van 2018 vast te houden en de beoogde effecten op de lange termijn verder te realiseren.

De provincie heeft in 2017 de uitvoering van 11 Fountains van de Stichting overgenomen en met de betreffende gemeenten afspraken gemaakt rondom beheer, onderhoud en marketing van de fonteinen in 2018 en daarna.

Risico’s

Met de besluiten van de Raad van Leeuwarden en Provinciale Staten eind juni 2017 is er een sluitende begroting van de Stichting en zijn voorzieningen getroffen voor de resterende risico’s. De Stichting kan hiermee een volwaarding programma neerzetten. De financiële risico’s zijn hiermee beperkt. Omdat door de Stichting de uitvoering van de evenementen en daarmee de projectgebonden financiering grotendeels bij externe partijen is neergelegd, verloopt van het programmabudget circa € 24 mln. via die partijen. De Stichting voert de artistieke en/of programmatische regie . Er bestaat een risico dat projecten niet tijdig tot volledige uitvoering komen en niet of slechts deels door zullen gaan.

Een ander risico bestaat in onvoorziene omstandigheden. Hier staat de post onvoorzien van Stichting LF2018 tegenover.

Het kan blijken dat de sponsoropgaven bij 11 Fountains niet gerealiseerd wordt. De verwachting is dat dit wel ruimschoots gaat slagen. Tegenover dit risico staat de garantievoorziening voor sponsoring. Daarnaast kunnen door onvoorziene omstandigheden de kosten in de uitvoering van de fonteinen hoger uitvallen. Met het naar de provincie halen van de regie is dit risico beperkt en wordt er uitgegaan van een sluitende begroting.       

12 Europese watertechnologiehub (programma economie)

PS-besluiten

Op 24 september 2014 hebben de Staten het Uitvoeringskader Watertechnologie 2014-2020 vastgesteld, waarbij € 13 mln. uit het REO-regio ter beschikking is gesteld. Het uitvoeringskader geeft aan op welke wijze we gaan werken aan het doel om uit te groeien tot de Europese hub op het gebied van watertechnologie.

In de begroting 2018 zijn extra middelen beschikbaar gesteld van in totaal € 1.050.000,– voor de uitvoering van het WaterCampus Actieplan voor de jaren 2018, 2019 en 2020. Hiermee kan er plus op het huidige Actieplan worden gezet. Dit zal een positieve bijdrage leveren aan de ontwikkeling van de WaterCampus.

Financiële stand van zaken

Op 4 december 2012 heeft het Dagelijks Bestuur van SNN ingestemd met een bijdrage aan de Stichting Wetsus uit het centrale deel van het REP van € 38 mln. Eerst is een bijdrage van € 19 mln. beschikbaar gesteld voor de periode 2013-2017. De € 19 mln. voor de periode 2017-2020 wordt toegekend na een positieve evaluatie van Wetsus eind 2015.

De WaterCampus partijen hebben in 2016 een actieplan opgesteld. Het plan beschrijft het doel, de acties en brengt in beeld wat het benodigde budget is voor de jaren 2017 tot en met 2020 om het plan te kunnen uitvoeren. Uitgangspunt van het actieplan is dat de huidige activiteiten van de WaterCampus partijen gecontinueerd worden en daarmee het innovatie ecosysteem van de WaterCampus in stand kan worden gehouden. Voor het  WaterCampus Actieplan is in 2017                een bijdrage van € 6.030.000,- beschikbaar gesteld vanuit de beschikbare middelen REP-regio. De bijdrage wordt in 2 jaarlijkse tranches van € 3.015.000,- beschikbaar gesteld voor de periodes 2017-2018 en 2019-2020.

Begin 2017 is ten behoeve van het project “Research infrastructuur Wetsus 2017-2020” een subsidie van € 3.019.804,– beschikbaar gesteld vanuit REP-regio en € 480.196,– vanuit het restant RijksREP.

Het budget dat beschikbaar is gesteld ten behoeve van het Uitvoeringskader Water-technologie 2014-2020 – zijnde € 13 mln.  (REP-regio) –  is voor het overgrote deel verplicht en/of uitgegeven.

Wat gaan wij doen in 2018

Wij faciliteren en jagen projecten aan die passen in het Uitvoeringskader Watertechnologie 2014-2020 en de Beleidsbrief ‘Wurkje mei Fryslân’.

We gaan met de WaterCampus partijen in gesprek over de vraag aan welke activiteiten de extra middelen zijnde € 1.050.00,– het beste kunnen worden besteed met als doel het bestaande Actieplan van de WaterCampus partijen te versterken.

Het Wetsus-programma werkt met aio’s. Om het onderzoek te kunnen continueren en aio’s te kunnen aanstellen op vierjarig contact is uiterlijk voor 1 januari 2019 duidelijkheid nodig over de voortzetting van de financiering na 2020. Daarom zal in 2018 mogelijk met een voorstel worden gekomen voor een provinciale financiële bijdrage ten behoeve van de continuering van Wetsus na 2020. Eén en ander is afhankelijk van de uitkomsten van de verkenning die Wetsus heeft uitgevoerd (in 2017) naar o.a. de mogelijkheden voor een sterkere inbedding in de publieke kennisinfrastructuur en; een sterkere basis vanuit private partijen ten behoeve van de financiering na 2020.

Ook in 2018 continueren wij onze lobby om Wetsus/ en in zijn algemeenheid het innovatie ecosysteem van de WaterCampus nationaal/ EU gefinancierd te krijgen voor met name de periode na 2020.

Risico’s

  • Om uit te groeien tot Europese hub op het gebied van Watertechnologie is zekerheid over langjarige continuïteit (minimaal 10 jaar) van Wetsus een essentiële voorwaarde. Dit geldt zowel voor de contracten met het bedrijfsleven en vooraanstaande universiteiten als voor het aantrekken van de beste onderzoek talenten. De langere termijn financiering van Wetsus (na 2020) is nu niet afgedekt. Tot en met 2020 is Wetsus in belangrijke mate gefinancierd vanuit het RijksREP en REP-Regio. Deze middelen zijn na 2020 uitgeput. De ambitie kan dus in gevaar komen. Wij blijven onze lobby inzet richting Rijk en EU continueren. Ook ten behoeve van de financiering van het totale innovatie ecosysteem van de WaterCampus.
  • Minder EFRO-middelen voor realisatie Europese watertechnologiehub: het EFRO-budget is fors kleiner geworden. Beheersmaatregel: andere EU-budgetten bieden mogelijkheden, maar vergen excellentie, internationale samenwerking en regionale cofinanciering en hiervoor is sterke internationale concurrentie.
  • In april 2013 hebben wij met gemeente Leeuwarden een intentieverklaring getekend waarin staat dat we ons gezamenlijk verantwoordelijk voelen voor de ondersteuning van Wetsus en voor de ontwikkeling en exploitatie van deze Watercampus, ook ná afloop van de huidige subsidieperiode tot in ieder geval 2030.

13 De Nieuwe Afsluitdijk (programma’s infrastructuur, omgeving en economie)

De Nieuwe Afsluitdijk (DNA) is op gedeeld in twee fasen:

  • Fase 1 betreft de lopende projecten zoals de Vismigratierivier, het Afsluitdijk Wadden Center, Verruiming sluiscapaciteit Kornwerderzand, energieprojecten en het vernieuwen van het Monument.
  • In de tweede fase vallen opgaven en kansen als de Westerzeedijk, Waddenpark, een marketingopgave en het verder benutten van de Afsluitdijk als kraamkamer op het gebied van duurzame energie.

PS-besluiten

  • Op 21 december 2011 hebben Provinciale Staten de Bestuursovereenkomst Afsluitdijk (inclusief ambitie agenda Afsluitdijk) vastgesteld.
  • Op 21 januari 2015 hebben Provinciale Staten diverse provinciale budgetten geregeld.
  • Op 20 april 2016 hebben Provinciale Staten besloten geen wensen of bedenkingen kenbaar te maken voor vaststelling van vier Realisatieovereenkomsten met RWS.
  • Op 20 april 2016 hebben Provinciale Staten het Provinciaal Inpassingsplan voor de Vismigratierivier vastgesteld.
  • Met de vaststelling van de begroting 2017 hebben Provinciale Staten ingestemd met een bijdrage van 5 ton tbv het project Icoon Afsluitdijk en 5 ton tbv de aansluiting van de Afsluitdijk op het energienetwerk.
  • In 2016 is tijdens de 2e begrotingsrapportage een begrotingswijziging opgenomen voor het Afsluitdijk Wadden Center.

De financiële stand van zaken

De financiering van de projecten in fase 1 is rond met uitzondering van deel twee van de Vismigratierivier (de toe leidende rivier naar de coupure). Voor de financiële stand van zaken omtrent de verruiming van de sluis wordt verwezen naar de separate tekst hierna. Voor de financiering van deel 2 van de Vismigratierivier is in totaal € 36 mln. nodig. Voor € 27,5 mln. is dekking. Voor de resterende € 8,5 mln. wordt aan externe dekking gewerkt. Hiervoor wordt in de volle breedte ingezet op verschillende fondsen alsmede private fondsen en door werk met werk te combineren vanuit een samenwerking met Windpark Fryslân.

Voor fase 2 zijn de projecten nog niet allemaal uitgewerkt. Er is een nieuw uitvoeringsplan gereed en vastgesteld. Dit uitvoeringsplan heeft een looptijd tot en met 2020 en schetst de opgave, fase 2, waar de komende jaren aan gewerkt wordt. Het grootste deel van de opgave bevindt zich vooral op het vaste land grenzend aan de Afsluitdijk, de halters. Een belangrijk deel daarvan zal dan ook integraal worden opgepakt binnen de opgaven voor de Waddenkust en IJsselmeerkust. De komende jaren wordt deze opgave verder uitgewerkt.

Dan ontstaat er ook meer duidelijkheid over de financiering en de eventuele Provinciale bijdrage. Wel wordt, net als bij het voorgaande uitvoeringsplan, de dekking vooral gezocht in bestaande Provinciale fondsen/middelen.

Mogelijk dat er voor aanvullende financiering nog voorstellen worden gedaan aan Provinciale Staten. Wel is met het uitvoeringsplan vastgesteld dat er geen grote investeringen meer nodig zijn. De Provincie Fryslân draagt jaarlijks € 500.000,- bij aan de financiering van het programmabureau. Tot en met 2020 is deze bijdrage geregeld. Het programma kent echter een doorlooptijd tot en met 2022. Voor de periode na 2020 moet er dus nog financiering geregeld worden. Dat betekent maximaal het doorzetten van de huidige bijdrage.

Wat gaan wij doen in 2018?

De komende jaren staan voor De Nieuwe Afsluitdijk grotendeels in het teken van het realiseren van de fase 1 projecten, zoals de Vismigratierivier en het Afsluitdijk Wadden Center. Daarnaast ligt er nog een restopgave in het verder uitwerken en ontwikkelen van de fase 2 projecten.
In 2018 wordt de financiering definitief gemaakt. In 2018 zal de aanbesteding voor de realisatie van de Vismigratierivier worden voorbereid en mogelijk gestart worden. De visserij activiteiten binnen het plangebied van de VMR zijn beëindigd. Samen met partners wil het project verkennen of het mogelijk is een visserij vrije zone rondom de monden in te stellen, voor een optimale werking van de rivier.

In maart 2018 opent het Afsluitdijk Wadden Center op Kornwerderzand zijn deuren. Het Afsluitdijk Wadden Center zal tevens een functie gaan vervullen binnen LF2018. Daarnaast zoekt De Nieuwe Afsluitdijk nog naar andere koppelkansen met LF2018. Rijkswaterstaat is druk bezig met de aanbesteding van het grote werk voor de renovatie van de Afsluitdijk. Begin 2018 wordt het werk definitief gegund. In het contract zitten ook een aantal onderdelen van de regio, zoals de doorgang voor de Vismigratierivier, die de aannemer moet gaan uitvoeren. De komende jaren kan de regio profiteren van de economische spin-off van de huidige investeringen in de Afsluitdijk. Daar is wel een marketinginspanning voor nodig. Daarom is er in 2017 een plan voor destinatiemarketing opgesteld. Samen met de bestaande regionale marketingorganisaties, waaronder Merk Fryslân, wordt er een op maat gesneden campagne ontwikkeld voor 2018 en verder. De ontwikkeling van een innovatieve Energiedijk is in volle gang, maar nog niet klaar. Naast de bestaande projecten Blue Energy en stromingsenergie willen Rijk en regio andere innovaties de ruimte bieden om hun technieken te beproeven op de Afsluitdijk. Om hier beter aan te kunnen faciliteren moet de dijk aangesloten worden op het energienet. Hier heeft de Provincie middels de begroting 2017 een bijdrage voor gereserveerd. De netbeheerders zijn met elkaar in gesprek om de definitieve koers te bepalen. Op de Afsluitdijk staat de testfaciliteit voor Blue Energy. REDStack, de ontwikkelaar, voert momenteel een haalbaarheidsonderzoek uit om te kijken of er bij Katwijk een opschaling van de techniek gerealiseerd kan worden. De kosten van de opschaling zullen naar verwachting enkele tientallen miljoenen euro’s bedragen. De omstandigheden, zoals de constante kwaliteit van het zeewater, zijn daar beter. De testfaciliteit op de Afsluitdijk blijf operationeel. REDStack is tevens voornemens om de productiefaciliteit in Sneek verder te ontwikkelen.

Risico’s

  • Daar waar de projecten afhankelijk zijn van externe financiering bestaat er alleen voor de Vismigratierivier nog een risico in deel 2. Het project kan met de al opgehaalde middelen wel terugvallen op een ‘casco’ variant. Voor deel 2 borgen wij de kwaliteit van de aanvragen en bewaken het proces om de kansen voor externe financiering zo groot mogelijk te laten zijn.
  • Risico is dat het rijk de planning van de realisatie van de regionale projecten binnen het Rijks contract overlaat aan de aannemer. Hierdoor heeft de regio geen stuur op het moment van gereed komen van deze regionale projecten. Wij blijven hierbij actief betrokken. We leveren volop een constructieve inbreng.

a.    Sluis Kornwerderzand

Het onderdeel sluis Kornwerderzand wordt uitgevoerd door de projectorganisatie DNA maar kent een andere geografische bestuurlijke samenwerking. Om die reden en om het strategische belang is dit project hierna separaat opgenomen in de begroting.

PS-besluiten

  • In het kader van het uitvoeringsprogramma DNA is € 10 mln. gereserveerd als regionale bijdrage in de investeringskosten voor de sluis Kornwerderzand.
  • Het beschikbaar stellen van maximaal € 5 mln. extra investeringsbijdrage.

Financiële stand van zaken

Als provinciale bijdrage in de financiering is inmiddels een bedrag van € 15 mln. beschikbaar gesteld. De voorbereidingskosten die worden gemaakt, worden, wat het Friese deel betreft, gedekt op basis van het PS-besluit over fase 1 van het DNA-programma. Mocht het project onverhoopt niet doorgaan, dan zal het provinciale aandeel van de voorbereidingskosten worden gedekt uit de reeds bij PS-besluit beschikbaar gestelde middelen.

De verwachting is, als er in 2017 overeenstemming met het Rijk wordt bereikt, dat er in 2018 een definitief financieringsvoorstel aan Provinciale Staten zal worden voorgelegd.

Wat gaan we doen in 2018

De verwachting was dat in het BO-mirt van 2016 afspraken met de minister zouden worden gemaakt over de financiering van het project. Dit is niet gebeurd. Wel heeft de minister in december 2016 naar aanleiding van een motie € 30 mln. toegezegd als financieringsbijdrage in de sluis, mits de regio uiterlijk oktober 2017 met een nieuw en onderbouwd financieringsvoorstel komt.

Aan de inhoudelijke onderbouwing van het financieringsvoorstel wordt door Rijk en regio gewerkt. De verwachting is, dat in het BO-Mirt 2017 definitieve afspraken met het Rijk gemaakt kunnen worden over de financiering van het project.

In vervolg daarop zal in 2018 het uitvoeringscontract worden opgesteld. Vervolgens zal de aanbestedingsprocedure met uiteindelijk contractering van een marktpartij plaatsvinden.

Risico’s

  • De gesprekken met de overige regionale partners over de financiële bijdrage in de investering en de onderlinge verdeling hiervan, zijn nog gaande.
  • Afspraken tussen Rijk en regio over de financiering van de sluis. In het BO-Mirt 2017 worden definitieve afspraken gemaakt tussen regio en Rijk over de financiering van de nieuwe sluis Kornwerderzand en het verdere proces. Op dat moment is bekend of de bijdragen van derden (waaronder dus die van de regiopartners) beschikbaar zijn.
  • Onderdeel in de projectfinanciering is een Europese subsidie. Medio juli 2017 wordt de aanvraag ingediend. Uitslag over de aanvraag en hoogte van een eventuele bijdrage is pas in het voorjaar van 2018 bekend.
  • De marktbijdrage. De markt is bereid substantieel bij te dragen in de financiering onder de voorwaarde dat er marktbijdragewet komt om zgn freeridders te voorkomen. Een marktbijdragewet c.q. financieringswet is echter politiek naar verwachting moeilijk haalbaar.

14   Breedbandinfrastructuur Fryslân (programma economie)

Inleiding

Gedurende de tijd dat het Breedbandfonds van de provincie in 2016 operationeel was, kreeg de provincie via het Breedbandfonds signalen van marktpartijen, dat zij geïnteresseerd zijn in een achtergestelde lening van de provincie. Deze achtergestelde lening is nodig om de volledige financiering van een grootschalig glasvezelproject in de provincie Fryslân voor elkaar te krijgen. Hiermee kan het buitengebied van Fryslân voorzien worden van een NGA(glasvezel)netwerk. Provincie Fryslân kan een achtergestelde lening aan een marktpartij verstrekken via een openbare tenderprocedure onder marktconforme condities.

PS-besluiten

Op 25 januari 2017 stemden Provinciale Staten in met het voorstel tot het beëindigen en afhechten van het oude breedband instrumentarium. Bij dit voorstel zijn deze middelen nu (nominaal revolverend) ingezet voor het verstrekken van een achtergestelde lening aan een marktpartij. Deze lening is maximaal € 35 mln. onder marktconforme condities. Daarnaast is € 12 mln. gereserveerd voor een marktconforme lening in grijs gebied. Ook zijn (niet nominaal revolverend) € 5 mln. voor de meest onrendabele adressen en € 250.000,- voor proceskosten ter voorbereiding en operationalisering van een tender vrijgemaakt. Dit is om de aanleg van een NGA(glasvezel)netwerk in de buitengebieden van de provincie te faciliteren.

Financiële stand van zaken

Op 3 maart 2017 zijn de subsidieregeling en bijbehorende stukken gepubliceerd. Daarmee is de tenderprocedure voor het verstrekken van een achtergestelde lening gestart. Het verstrekken van de achtergestelde lening aan de winnende inschrijver, verloopt in tranches (voor deelprojecten). Per deelproject financiert de provincie voor een deel mee, middels het vrijgeven van een deeltranche van de achtergestelde lening. We verwachten de komende 3 jaar maximaal 35 mln. weg te zetten met de achtergestelde lening.

Wat gaan we doen in 2018?

De marktpartpartij kan aanspraak maken op de provinciale achtergestelde lening die vergelijkbaar is met een bouwdepot waarbij stapsgewijs geld wordt vrijgegeven als blijkt dat een aantal vooraf afgesproken mijlpalen in de aanleg zijn gehaald. Hierna kan de marktpartij verder met de realisatie en uitrol van het netwerk voor geheel Fryslân. Met de eerste tranche achtergestelde lening kan de marktpartij starten met de aanleg van het glasvezelnetwerk in de buitengebieden van Fryslân.

Risico’s

  • De afdwingbaarheid van de aanleg en sturing tijdens de doorlooptijd van het project is beperkt, omdat het hier gaat om een subsidie en geen overeenkomst waarmee de aanleg afgedwongen kan worden.
  • Gedurende de looptijd van de lening kan er een afbreukrisico ontstaan omdat de geldlener in het project niet verplicht kan worden om tegenvallers zelf op te vangen in de businesscase. Het risico dat hierbij kan optreden is dat deze partij stopt met de aanleg waardoor het project niet volledig wordt gerealiseerd. Financieel is dit risico beperkt omdat er geen vervolgtranches meer opgevraagd kunnen worden.
  • Na afloop van het project , zodra het netwerk is gerealiseerd, is sturing nauwelijks meer mogelijk aangezien de bijbehorende financiering enkel ziet op de subsidiabele activiteit, namelijk de aanleg. Beheer, prijsstelling en exploitatie maken hier geen onderdeel meer van uit. Hoewel hier wel op gescoord is bij de tenderprocedure in de businesscase, kunnen wij hier niet op sturen na het verstrekken van de achtergestelde lening.
  • Een risico ten aanzien van het nominaal in stand houden van het fonds is dat de marktpartij die de financiering bij de Provincie aangaat er na enige jaren voor kiest om het “project” te herfinancieren en de lening dus niet de gehele looptijd wordt verstrekt. Indien dit korter is dan 5 jaar, bestaat de kans dat het niet revolverende deel van het fonds niet in z’n geheel terug gespaard kan worden. Het revolverende deel van het fonds bestaat in totaal uit € 47 mln. (35 achtergestelde lening en 12 mln. voor grijs gebied).

15   Innovatiecluster Drachten (technocampus) (programma economie)

Het Innovatiecluster Drachten is opgedeeld in vier fasen van twee jaar:

  • fase 1 (2013-2014): eerste aanzet geven voor het realiseren van een volwaardig innovatiecluster in Drachten. Accent ligt op het boeien en binden van personeel.
  • fase 2 (2015-2016): nadruk op doorontwikkeling van fase 1 en het realiseren van twee R&D projecten.
  • fase 3 (2017-2018) en fase 4 (2019-2020): opschalen naar nog meer ecosysteemfuncties, zoals precompetatieve gezamenlijke R&D in samenwerking met regionale onderzoeksinstellingen (UCF, NHL Hogeschool/Stenden, Hanzehogeschool, Windesheim, RUG, UT Twenthe).

PS-besluiten

Provinciale Staten hebben op 3 juli 2013 besloten om de ontwikkelingen van innovatiecluster Drachten te ondersteunen met een bijdrage van maximaal € 8 mln.

Financiële stand van zaken

Provinciale Staten hebben voor het project Innovatiecluster Drachten een bijdrage van € 8 mln. beschikbaar gesteld uit de REP-middelen. Voor de eerste fase (2013-2014) hebben we hieruit een bijdrage van € 192.500,- ter beschikking gesteld. Voor projecten in de tweede fase (2015-2016) hebben wij een positief besluit genomen en € 1.744.255,- beschikbaar gesteld op een totale kostenpost van ruim € 7 mln. De bijdrage van de provincie is maximaal 25% van de totale projectkosten. De gemeente Smallingerland draagt ook 25% bij, de overige 50% komt van de deelnemende bedrijven. 

Wat gaan we doen in 2018

In de derde fase van het project (2017-2018) wordt de nadruk gelegd op de doorontwikkeling van boeien en binden van personeel, aansluiten van regionale hbo en universitaire kennisin-stellingen, gezamenlijke R&D projecten en shared facilities. De planning is dat er eind 2018 een volume van 24 bedrijven bij het innovatiecluster zijn aangesloten.

Risico’s

Een potentieel risico is dat de inzet van de reeds participerende bedrijven zich reduceert, en daarmee ook de financiële inbreng, waardoor de geformuleerde doelstellingen van het project niet worden gehaald. Een ander risico is dat de gemeente Smallingerland haar financiële toezeggingen niet gaat nakomen.

16   Gebiedsontwikkelingsplan Franekeradeel-Harlingen (programma mienskip)

PS-besluiten

Op basis van het ontwerp-inrichtingsplan Franekeradeel-Harlingen hebben Provinciale Staten op 23 mei 2012 een bedrag van € 12,8 mln. beschikbaar gesteld.

Financiële stand van zaken

De planuitvoering is in 2018 in volle gang. Het betreft een meerjarig project met een totale investeringssom van € 48,3 mln.  met een provinciale bijdrage van  € 12,8 mln. Voor 2018 is circa € 13,8 mln. aan uitgaven gepland, waarvan € 3,4 mln. provinciale bijdrage.

Wat gaan we doen in 2018?

Begin 2018 is er in het deelgebied Sexbierum 23 km watergang­verbreding en natuurvriendelijke oevers gerealiseerd. Het kadebestek en fietspad bij Tzummarum zijn rond die tijd ook klaar. De uitvoering van het waterlopenbestek De Mieden zal in 2018 opgeleverd worden. Dit omvat verbreding van ca. 11 km waterlopen. Begin 2018 start de wettelijke herverkaveling met het houden van wenszittingen. In 2018 zal aansluitend een ontwerp voor het plan van toedeling van gronden/ percelen gemaakt worden. Eind 2017 of begin 2018 zal GS de derde planwijziging vaststellen. Die derde planwijziging regelt onder andere extra maatregelen voor de grotere bodemdaling tot 2050 door vroegere gaswinning door Vermilion. De vierde planwijziging zal naar verwachting op 22 november 2017 in Provinciale Staten vastgesteld worden. Die regelt dat er ook maatregelen in een deel van de gemeente het Bildt uitgevoerd kunnen worden. Verder wordt in 2018 o.a. laanbeplanting aangelegd, het waterloopbestek De Mieden uitgevoerd, gestart met nieuwbouw van gemaal de Mieden en worden twee gemeentelijke bruggen bij Dongjum en Ried opgehoogd.

Risico’s

De prognoses met betrekking tot de bodemdaling blijven een risico in het proces. De grotere bodemdaling als gevolg van gaswinning vroeg om aanpassing van het plan en gaf ca 1,5 jaar vertraging in de planning. Het herverkavelingsproces zal daardoor navenant later starten. Er wordt in komende tijd geen verdere vertraging verwacht. Het project kan met de beschikbare middelen worden uitgevoerd en het risico dat dit wijzigt is klein.

Print deze pagina