4. Vrij Aanwendbare Reserve (VAR)

Hieronder staat de ontwikkeling van de VAR. Conform de afspraak met uw Staten vloeit het rekening- en begrotingssaldo aan het eind van het jaar automatisch in de VAR. Het rekeningsaldo 2016 en de verwachte begrotingssaldi 2017-2021 zijn hieronder opgenomen.

Bij de begroting 2016 is afgesproken dat voortaan het structurele begrotingssaldo (zie 1) niet ingezet zal worden. Aangezien een van de uitgangspunten is dat wij € 5 mln. structurele ruimte willen overhouden voor het college na ons is dit het minimale bedrag wat wij in mindering bregen op de stand van de in te zetten VAR.

Daarnaast is afgesproken dat de minimale stand van de VAR altijd € 10 mln. bedraagt.

Daarmee bedraagt de stand van de mogelijk in te zetten VAR in deze collegeperiode € 104 mln.

VAR (in te zetten)

  • Bedragen x € 1 miljoen
  • Beginsaldo
  • Rekeningresultaat 2016
  • Beschikking over reserve
  • Begrotingssaldo
  • Stand op 31/12 inclusief structureel saldo
  • Begrotingssaldo structureel niet in te zetten
  • Stand op 31/12 exclusief structureel saldo
  • Minimale stand VAR
  • VAR (in te zetten)
  • 2017
  • 281,7
  • 20,9
  • -58
  • 8,9
  • 253,4
  • -5
  • 248,4
  • 2018
  • 248,4
  • -76,9
  • 4,2
  • 175,8
  • -5
  • 170,8
  • 2019
  • 170,8
  • -59,9
  • 8,2
  • 119,1
  • -5
  • 114,1
  • 10
  • 104,1
  • 2020
  • 114,1
  • 0
  • 17,4
  • 131,5
  • -5
  • 126,5
  • 2021
  • 126,5
  • 0
  • 19,1
  • 145,5
  • -5
  • 140,5

De opbouw van de beschikking over de VAR in de komende jaren staat in de tabel hieronder.

Vorming van en beschikking over reserves

  • Bedragen x € 1 miljoen
  • Beschikking over reserve
  • Begroting 2016: dekking negatief begrotingssaldo
  • Totaal
  • 2017
  • 58
  • 58
  • 2018
  • 76,9
  • 76,9
  • 2019
  • 59,9
  • 59,9
  • 2020
  • 2021
Print deze pagina