4.4 Risicobeheer Treasury

Jaarstukken

De meest belangrijke risico’s op gebied van treasury management voor de provincie Fryslân zijn: renterisico, koersrisico, kredietrisico en debiteurenrisico. Hieronder volgen de genomen maatregelen om deze risico’s te beheersen.

Renterisicobeheer
Vanuit de wet Fido worden richtlijnen gegeven voor het renterisico voor korte- en lange termijn financiering. Het renterisico op kortlopende financieringen wordt beperkt door de zogenaamde kasgeldlimiet (7% van het begrotingssaldo). Voor de provincie Fryslân bedraagt de kasgeldlimiet in 2017 € 48 mln. De provincie heeft zowel per begin als per eind 2017 geen kortlopende financieringen aangetrokken.

Voor de lange termijn financieringen geldt de renterisiconorm. De renterisiconorm heeft als doel het renterisico bij herfinanciering te beheersen, door de som van de jaarlijks aflossingen en leningen waarvan de rente wordt herzien niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. De provincie Fryslân heeft geen lange termijn financieringen.

Er is sprake van een renterisico voor de rendementen uit het belegde vermogen. De rendementen zijn onderdeel van de begrotingsruimte en fluctuaties van de rente op de geld- en kapitaalmarkt kunnen van invloed zijn op het verwachte rendement. Door goede spreiding en samenstelling van het belegde vermogen neemt de gevoeligheid op deze fluctuaties af.

Koersrisicobeheer
De provincie belegt haar overtollige middelen alleen in vastrentende waarden zoals obligaties en deposito’s die in principe worden aangehouden tot einde looptijd. Hierdoor is het koersrisico beperkt. Daarnaast wordt er alleen belegd in euro’s, waardoor er geen sprake is van een (valuta)koersrisico. Het beleggen in aandelen, uitsluitend voor het behalen van een rendement, is niet toegestaan.

Kredietrisicobeheer
Om het kredietrisico te beperken wordt door de provincie Fryslân uitsluitend belegd bij tegenpartijen die voldoen aan een goede kredietwaardigheid. Deze zijn vastgelegd in de Uitvoeringsregeling Treasury. Voor het in obligaties belegde vermogen geldt een afzonderlijk beleggingsmandaat. Ook dient te worden voldaan aan de wet fido en de Regeling Uitzetting en Derivaten Decentrale Overheden (Ruddo).

Sinds december 2013 is het verplichte schatkistbankieren van kracht en dienen, behoudens enkele uitzonderingen, alle middelen te worden belegd bij het agentschap van het ministerie van Financiën. Hierdoor wordt een groot deel van het provinciale vermogen ondergebracht bij de Nederlandse staat, waardoor het kredietrisico afneemt.

Debiteurenrisicobeheer
Voor de levering van goederen en/of diensten hanteert de provincie een strikt beleid van herinnering en aanmaning. Indien de debiteur nalatig blijft, wordt de vordering overgedragen aan een incassobureau.

Print deze pagina