Programma 5: Landelijk gebied

5.1 Natuurbeleid

Begroting

Wat willen we bereiken?

Wij blijven de mooiste provincie van Nederland met een fraai en vitaal platteland. Hierbij spelen onder andere het herstel van de biodiversiteit (Natura 2000, Agrarisch natuurbeheer) en het koppelen van kansen tussen natuur en economie een grote rol. Economie, landbouw, natuur en landschap zijn meer in balans.
De provincie streeft naar een kwalitatief goed, effectief en vernieuwend natuurbeheer met lagere beheerkosten en met meer veerkracht voor de natuur. Wij voeren de regie op het natuurbeheer binnen en buiten de Ecologische Hoofdstructuur (EHS).

Verder werken we mee aan de Europese verplichtingen van het Rijk. Ook willen we draagvlak creëren voor het behoud en ontwikkelen van de natuurkwaliteiten. Dit door inwoners van onze provincie te betrekken bij het ontwikkelen van natuurwaarden en, waar mogelijk, recreatief medegebruik te bevorderen.
Wij willen onze bodem zo schoon mogelijk houden en geen vreemde stoffen in de Friese bodem.

Welke resultaten willen we in 2017 behalen?

  • In 2017 voeren wij de mid-term evaluatie van het Program Natuer en Lanlik Gebiet 2014-2020 uit.
  • De regierol voor het agrarisch natuurbeheer ligt bij de provincie. Ook in 2017 faciliteren we de gebiedscollectieven ter versterking van hun rol als gebiedsregisseur.
  • Als gevolg van de stelselherziening voor natuurbeheer, krijgen de terreinbeherende organisaties (TBO’s) en particuliere eigenaren in 2017 meer verantwoordelijkheid, wat resulteert in versterking van de kwaliteit van het beheer, voor minder geld..
  • Het einddoel is dat wij in 2027 de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) gerealiseerd hebben.
  • Wij zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van de Natura 2000 beheerplannen. In 2017 zijn alle N2000 beheerplannen vastgesteld. Wij hebben overeenkomsten afesloten met de terreinbeherende organisaties en het Wetterskip en hebben regie op de uitvoering.
  • Wij richten ons op het bereiken van minimaal 10.000 gruttobroedparen in Fryslân in 2020. Met als doel het realiseren van vitale weidevogelpopulaties in Fryslân. Voor 2017 streven we naar 8.500 gruttobroedparen.
  • Voor de weidevogellandschappen die in 2014 zijn vastgesteld pakken wij samen met de natuur-en agrarische beheerders het beheer en inrichting verder op. Ons streven is om circa 40.000 ha weidevogelkerngebied binnen de weidevogelkansgebieden te realiseren per 2020. Verder richten we ons op de inpasbaarheid van weidevogels in een rendabele agrarische bedrijfsvoering.
  • Wij handhaven in 2017 onze inzet op de aanpak van ganzenschade op basis van de aanpak zoals PS die in 2014 heeft vastgesteld en nemen de uitkomsten van de evaluatie uit 2016 hierin mee.
  • Wij blijven in 2017 de Friese Nationale Parken Schiermonnikoog en de Alde Feanen ondersteunen. Wij ontwikkelen een visie op de provinciale rol in relatie tot de Nationale Parken.
  • Wij behandelen vergunningen, ontheffingen en adviezen op grond van de Natuurbeschermingswet 1998 (NB-wet), De Nieuwe wet Natuurbescherming die op 1 januari 2017 in werking treedt, de Flora- en faunawet (Ffw) en de Boswet conform de vereisten. Daar waar van toepassing volgen wij het beleid van de Programmatische Aanpak Stikstof.
  • Wij adviseren aan het Rijk inzake de Mijnbouwwet. Het Rijk is de vergunningverlenende instantie. In onze adviezen aan het Rijk maken wij steeds kenbaar tegen nieuwe gaswinningen te zijn en pleiten daarbij voor omgekeerde bewijsvoering.
  • We hanteren bij de vergunningverlening voor de zoutwinning onder het Wad het ‘hand aan de kraan’-principe. Bij de bestaande zoutwinning onder land waar dit niet het geval is, blijven wij de resultaten van de verplichte monitoring kritisch volgen tot aan de beëindiging van de zoutwinning in 2021.
  • Indien het zich voordoet, zullen wij geen medewerking verlenen aan (proef-)boringen naar schaliegassen en aan de opslag van kernafval en CO2 in de ondergrond.
  • Wij ondersteunen de boerenorganisaties bij hun uitwerking van het Early Warning Systeem voor de veldmuizen waarbij wij onze energie inzetten om te komen tot een gebiedsaanpak waarbij de veldmuizenproblematiek wordt gekoppeld aan flexibel peilbeheer.

(Prestatie)indicatoren

 
Onderwerp Indicator Doelwaarde 2017
Weidevogels Aantal gruttobroedparen 8500
EHS Hectares verworven 100
Hecatares ingericht 696
Natura2000/PAS Aantal afgeronde beheerplannen N2000 20 beheerplannen afgerond
Ganzen Uitgekeerd schadebedrag 5-10% % lager dan het voorgaande jaar
Groene wetten % tijdig verleende vergunningen en ontheffingen 100%
Mijnbouwwet Provinciale reacties op adviesverzoeken 100%

Wat mag het kosten?

Uitgebreide tabel
Bedragen x € 1.000,-
Realisatie 2015
Begroting 2016
Begroting 2017
Begroting 2018
Begroting 2019
Begroting 2020
Totaal lasten47.623 64.16859.46051.47750.24349.986
Totaal baten2.2101.1371.1341.1321.0351.035
Saldo van lasten en baten45.41463.03158.32650.34549.20848.952
Toelichting:

De lasten hebben betrekking op o.a.de Beheersgelden Ecologische Hoofdstructuur (EHS) en het tijdelijk budget Schadevergoeding ganzenakkoord voor 2016 en 2017. De bedrijfsvoeringkosten worden toegelicht in paragraaf bedrijfsvoering.
De lasten bestaan in hoofdzaak uit de Natuurpactmiddelen (o.a. voor verwerving en inrichtin EHS, agrarisch natuurbeheer en Natura 2000 beheerplannen), welke zijn gebaseerd op de decentralisatieuitkering zoals die van het Rijk wordt ontvangen.

Het kadernotavoorstel Budgetsubsidie faunabeheereenheid (doelstelling is droge dooradering waarvoor singels en boomwallen relevant zijn; initiatief voor koepelaanvraag), het voorstel POP3 – Agrarisch natuur en landschapbeheer en het onderzoek weidevogels (amendement kadernota 2017) zijn cijfermatig verwerkt in 2017-2020 in bovenstaande tabel.

Kadernota 2017

Bedragen x € 1.000,-
2017
2018
2019
2020
Lasten
Onderzoek weidevogels200200200200
(amendement)
Totaal lasten200200200200
Eerste bestuursrapportage

Gewenste resultaten

Beleid

Verwacht je dat eind 2017 de beleidsuitvoering verlopen is volgens de inhoudelijke afspraken in het onderliggende document waarin het beleid is vastgesteld (beleidsnota, etc.)?

Ja, dit gaat zeker lukken
Niet zeker of dit gaat lukken
Nee, dit gaat niet lukken

Tijd

Verwacht je dat eind 2017 het gewenste resultaat is gerealiseerd? Of, als de einddatum voor de realisatie verder in de tijd ligt: Verwacht je dat je eind 2017 op schema ligt om het gewenste resultaat te realiseren binnen de afgesproken termijn?

Ja, dit gaat zeker lukken
Niet zeker of dit gaat lukken
Nee, dit gaat niet lukken

Geld

Op beleidsveldniveau: verwacht je dat geld een belemmerende factor is voor het behalen van de gewenste resultaten? Of verwacht je dat het beschikbare budget toereikend is om in 2017 de gewenste resultaten van dit beleidsveld te realiseren?

Geld vormt geen belemmerende factor: er wordt geen onder- of overbesteding verwacht
Geld vormt geen belemmerende factor: er wordt een onderbesteding verwacht
Geld vormt wel een belemmerende factor en/of er wordt een overbesteding verwacht
  Beleid Legenda Tijd Legenda Geld Legenda
1. In 2017 uitvoeren van de mid-term evaluatie van het Program Natuer en Lanlik Gebiet 2014 – 2020.
2. Het faciliteren van de gebiedscollectieven ter versterking van hun rol als gebiedsregisseur.
3. Als gevolg van de stelselherziening voor natuurbeheer, krijgen de terreinbeherende organisaties (TBO’s) en particuliere eigenaren in 2017 meer verantwoordelijkheid, wat resulteert in versterking van de kwaliteit van het beheer, voor minder geld.
4. Het einddoel is dat in 2027 de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) gerealiseerd is.
5. In 2017 zijn alle Natura2000 beheerplannen vastgesteld. Tevens hebben wij overeenkomsten afgesloten met de terreinbeherende organisaties en het Wetterskip en hebben regie op de uitvoering.
6. Wij richten ons op het het bereiken van minimaal 10.000 gruttobroedparen in Fryslân in 2020, met als doel het realiseren van vitale weidevogelpopulaties in Fryslân. Voor 2017 streven wij naar 8.500 gruttobroedparen.
7. Voor de weidevogellandschappen die in 2014 zijn vastgesteld wordt, samen met de natuur- en agrarische beheerders, het beheer en de inrichting verder opgepakt. Het streven is om circa 40.000 ha weidevogelkerngebied binnen de weidevogelkansgebieden te realiseren per 2020. Verder richten we ons op de inpasbaarheid van weidevogels in een rendabele agrarische bedrijfsvoering.
8. In 2017 blijft de inzet op de aanpak van ganzenschade gehandhaafd op basis van de aanpak, zoals PS die in 2014 heeft vastgesteld. De uitkomsten van de evaluatie uit 2016 worden hierin meegenomen.
9. De Friese Nationale Parken Schiermonnikoog en de Alde Feanen worden ondersteund. Er wordt een visie ontwikkeld op de provinciale rol in relatie tot de Nationale Parken.
10. Vergunningen, ontheffingen en adviezen op grond van de Wet Natuurbescherming (gebiedsbescherming, soortenbescherming, en houtopstanden). Indien van toepassing wordt het beleid van de Programmatische Aanpak Stikstof gevolgd.
11. Adviseren aan het Rijk (vergunningverlener) inzake de Mijnbouwwet. In de advisering aan het Rijk kenbaar maken tegen nieuwe gaswinningen te zijn en hierbij pleiten voor omgekeerde bewijsvoering.
12. Bij de vergunningverlening voor de zoutwinning onder het Wad het ‘hand aan de kraan’-principe hanteren. Bij de bestaande zoutwinning onder land waar dit niet het geval is, de resultaten van de verplichte monitoring kritisch volgen tot aan beëindiging zoutwinning in 2021.
13. Indien het zich voordoet wordt geen medewerking verleend aan (proef)boringen naar schaliegassen en aan de opslag van kernafval en CO2 in de ondergrond.
14. Wij ondersteunen de boerenorganisaties bij hun uitwerking van het Early Warning Systeem voor de veldmuizen, waarbij onze energie wordt ingezet om te komen tot een gebiedsaanpak. Hierbij wordt de veldmuizenproblematiek gekoppeld aan flexibel peilbeheer.
Toelichting:

3) Als gevolg van de stelselherziening natuurbeheer zullen de particuliere natuurbeheerders in 2017 de transitie naar collectieven maken. Dit proces verloopt volgens planning. Het realiseren van een besparing op het natuurbeheer is nog niet gelukt. Dit betekent dat er op termijn een tekort op de beschikbare middelen zal ontstaan. Binnenkort wordt het externe onderzoek naar de haalbaarheid van de geplande Europese en Friese natuuropgave voor de gehele periode tot en met 2027 afgerond. Deze tekorten zijn hierin meegenomen.

4) Wij voorzien dat we het einddoel zonder bijsturing niet binnen de gestelde termijn zullen halen. In de besluitvorming volgend op het externe onderzoek naar de haalbaarheid geplande Europese en Friese natuuropgave zal hier aandacht aan worden besteed.

10) Met betrekking tot de post van leges inkomsten Wet Natuurbescherming wordt voorzien dat de inkomsten beduidend lager zullen zijn dan de opgegeven stelpost van € 468.000. Het bedrag is gebaseerd op de aantallen aanvragen uit 2016. Inmiddels is duidelijk dat het aantal aanvragen dat in het eerste kwartaal 2017 is binnen gekomen veel lager is dan in 2016, met name doordat PAS-ruimte opraakt, waardoor er minder PAS-aanvragen binnenkomen. Hierdoor wordt nu al voorzien dat het gestelde bedrag aan inkomsten niet gehaald zal worden. Bij de 2e berap zal worden gerapporteerd welk bedrag aan leges dan is ontvangen.

11) In het wetsvoorstel tot wijzing van de Mijnbouwwet (Wet bewijsvermoeden gaswinning Groningen) is omkering van de bewijslast opgenomen voor het Groningenveld. Dit wetsvoorstel is 20 december 2016 door de Eerste Kamer aangenomen. Het wetgevingstraject is door ons op diverse manieren (o.a. lobby en advisering) beïnvloed met als doel omkering van bewijslast voor alle gaswinningen geregeld te krijgen. Uiteindelijk heeft, mede op advies van de Raad van State, het Parlement besloten omkering van de bewijslast in de Mijnbouwwet beperkt op te nemen voor alleen het Groningenveld.

13) Ontwikkeling en commerciële winning van schaliegas is in deze collegeperiode niet aan de orde. De landelijke ontwikkelingen worden nauwlettend gevolgd en waar nodig zal invloed worden uitgeoefend. Dit geldt eveneens voor de opslag van CO2. Dit doen we onder andere via deelname aan IPO- en andere overleggroepen. Bovendien zijn we nauw betrokken bij de Structuurvisie Ondergrond en het brede programma bodem en zullen op de geëigende momenten adviezen uitbrengen in lijn met het te behalen resultaat.

(Prestatie)indicatoren

 
Onderwerp Indicator Doelwaarde 2017 Prognose 2017
Weidevogels Aantal gruttobroedparen 8.500
EHS Hectares verworven 100
Hectares ingericht 696
Natura2000/PAS Aantal afgeronde beheerplannen N2000 20
Ganzen Uitgekeerd schadebedrag 5-10% lager dan het voorgaande jaar
Groene wetten % tijdig verleende vergunningen en ontheffingen 100%
Mijnbouwwet Provinciale reacties op adviesverzoeken 100%
Toelichting:

Weidevogels
Gelet op het aantal broedparen grutto van de afgelopen jaren is de verwachting dat het ondanks alle gepleegde inspanningen niet gaat lukken om 10.000 broedparen grutto in 2020 te realiseren. Het aantal broedparen in 2017 zal naar verwachting tussen de 7.500 en 8.000 liggen.

EHS – verwerving
De doelwaarde van 100 hectare verwerven zal dit jaar waarschijnlijk niet gehaald worden. De redenen hiervoor zijn vooral dat zich niet veel aankoopmogelijkheden van losse EHS-grond voordoen. Andere factoren die een rol spelen zijn de hoge grondprijs en het feit dat sommige eigenaren hun grond bij voorkeur aan andere partijen verkopen. Ook kiezen steeds meer eigenaren ervoor om ruilgrond terug te krijgen voor de EHS-gronden die ze inleveren in plaats van geld. Ruilgrond heeft de provincie niet altijd voorhanden. Het aankopen van grond kan alleen op basis van vrijwilligheid plaatsvinden.

EHS – inrichting
Naar verwachting zal in 2017 de inrichting van 566 ha EHS worden afgerond. Het gaat om de afronding van projecten die al voor 2014 waren gestart. Deze hectares tellen wel mee voor de verdubbeling die met het rijk is afgesproken, maar vallen niet allemaal binnen de prioriteiten zoals PS deze hebben aangegeven, te weten internationale doelen en de prioritaire provinciale gebieden (Achtkarspelen Zuid, Beekdal Linde en Koningsdiep). Eén van de af te ronden projecten, goed voor 263 ha, is het project Baarderadeel.

Ganzen
De schade in kg droge stof is fors toegenomen. Toch is het uitgekeerde schadebedrag gelijk gebleven. Dit komt door de lagere grasprijzen die de basis vormen voor het uitgekeerde schadebedrag.