2.2 Beschikbare weerstandscapaciteit

De beschikbare weerstandscapaciteit is de optelsom van alle elementen uit de provinciale financiële huishouding die we daadwerkelijk kunnen inzetten om onvoorziene, niet begrote kosten te dekken. Deze elementen behoren alleen tot de weerstandscapaciteit als hierdoor de continuïteit van het bestaande beleid niet wordt aangetast. Bovendien mag er niet al een bestemming aan gegeven zijn.

De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit:

  • reserves waar geen claim op rust. Dit zijn de reserves ná verwerking van vastgestelde beleidsverplichtingen, uitgesplitst in algemene en bestemmingsreserves;
  • stille reserves. Vanwege de aard van deze reserves worden ze bij voorbaat niet gekwantificeerd, maar als p.m.-post opgenomen;
  • onbenutte belastingcapaciteit.

De onbenutte belastingcapaciteit wordt vanwege het structurele karakter tweemaal meegeteld in de berekening van de beschikbare weerstandscapaciteit. Het dubbel meetellen sluit aan bij de kwantificering van risico’s met structurele gevolgen. Dit is conform de nota Weerstands­vermogen.

Hieronder is de beschikbare weerstandscapaciteit ten opzichte van weerstandscapaciteit zoals berekend in de jaarstukken 2015 weergegeven.

Beschikbare weerstandscapaciteit

Type beschikbare weerstandscapaciteit - Bedragen x € 1.000,-
31/12/2015 (jaarrekening 2015)
01/01/2017 (begroting 2017)
Reserves:
Algemene reserve60.50087.800
Bestemmingsreserves329.000331.600
Stille reserves00
Onbenutte belastingcapaciteit (2 x)47.00060.600
Totaal beschikbare weerstandscapaciteit436.500480.000
Waarvan:
Structureel47.00060.600
Incidenteel389.500419.400

Reserves

De reserves van de provincie Fryslân bedragen op kasbasis per 31 december 2015 € 1.359 miljoen (zie bijlage 4). Er rusten op deze reserves echter vastgestelde beleidsverplichtingen: verplichtingen die zijn vastgesteld door Provinciale Staten via begrotingen en begrotingswijzigingen. Voor de bepaling of de reserves in aanmerking komen voor de beschikbare weerstandscapaciteit moeten deze verplichtingen in mindering worden gebracht op de stand van de reserve. Hieronder wordt de stand van de reserves eind 2015 aangegeven zowel op kasbasis als op transactiebasis.

Stand van de reserves

Reserve - (bedragen x € 1.000)
Saldo op kasbasis Eind 2015
Saldo op transactiebasis
Algemene reserve
Basisreserve9.3009.300
Vrij aanwendbare reserve310.20078.500
Subtotaal algemene reserve319.50087.800
Bestemmingsreserves
Nuon751.100211.000
Aankoop natuurterreinen (fase 1)1.8001.800
van Harinxmakanaal118.60094.100
Natuurpact24.80018.700
Frictiekosten6000
Gebiedsbudget5.7006.000
Tijdelijke budgetten137.6000
Subtotaal bestemmingsreserves1.040.200331.600
Totaal1.359.700419.400
Toelichting:

Algemene reserve

De algemene reserve is opgebouwd van uit een basisreserve van € 9,3 miljoen en de vrij aanwendbare reserve. De stand van de vrij aanwendbare reserve is conform het financieel kader opgenomen, stand eind 2019. Hierbij is rekening gehouden met een minimale stand van de VAR van € 10 miljoen. Zie hoofdstuk 3 Financiële begroting.

Bestemmingsreserves

De bestemmingsreserves bestaan uit een aantal posten.
Reserve Nuon: De stand van de reserve Nuon betreft € 100 miljoen als ondergrens en € 111 miljoen voor de risico buffer. Zie Financiële begroting onderdeel financieel kader.
De overige bestemmingsreserves tellen mee voor de beschikbare weerstandscapaciteit voor zover daar nog geen concrete verplichtingen voor zijn aangegaan. Overigens heeft het eventueel moeten inzetten van deze bestemmingsreserves voor het opvangen van risico’s wel tot gevolg dat de beoogde resultaten bijgesteld moeten worden.De reserves tijdelijke budgetten zijn volledig belegd.

Stille reserves

Stille reserves zijn de meeropbrengsten van direct verkoopbare activa, waarvan de verkoopwaarde hoger is dan de boekwaarde. Bij de provincie Fryslân gaat het om stille reserves op de dienstwoningen, gronden en deelnemingen. Naast enkele kleine deelnemingen zijn het aandeelhouderschap van Alliander en Vitens onze grootste deelnemingen.
Stille reserves maken slechts deel uit van de beschikbare weerstands­capaciteit als het betreffende activum op korte termijn (binnen één jaar) verkoopbaar is én verkoop de taakuitoefening van de provincie niet aantast.

De stille reserves worden bij voorbaat niet gekwantificeerd. Mocht de beschikbare weerstandscapaciteit niet toereikend zijn om de risico’s op te vangen, dan worden de stille reserves wél betrokken om de afweging te maken of de beschikbare weerstandscapaciteit moet worden aangevuld. 

Onbenutte belastingcapaciteit

Jaarlijks stelt het rijk het maximaal toegestane niveau van de opcenten op de motorrijtuigenbelasting vast. Dit wettelijke maximum gaat in op 1 januari van het volgende belastingjaar. Het verschil tussen het maximaal mogelijke tarief en het feitelijk door de provincie gehanteerde tarief voor de opcenten, bepaalt de vrije of onbenutte belastingcapaciteit. Zie paragraaf 1 Provinciale heffingen.

De onbenutte belastingcapaciteit is structureel omdat deze potentiële opbrengst zich in beginsel elk jaar voordoet. Dit in tegenstelling tot een reserve die na aanwending is verdwenen. Daarom wordt deze opbrengst tweemaal meegeteld voor het bepalen van de beschik­bare weerstandscapaciteit.