Bijlage 12: Begrippenlijst

Algemene middelen

Dekkingsmiddelen waaraan nog geen specifieke bestemming is gegeven, bijvoorbeeld de vrij aanwendbare reserve, de algemene uitkering uit het provinciefonds en de opbrengst uit de opcenten motorrijtuigenbelasting.

Accres

Het accres is het bedrag waarmee het beschikbare bedrag van het provinciefonds jaarlijks wordt aangepast, gebaseerd op een bestuurlijk overeengekomen normeringsystematiek.

Balans

Overzicht van de waarde van de activa (bezittingen, vorderingen) en passiva (reserves, voorzieningen, schulden) op één moment, bijvoorbeeld op 31 december van het kalenderjaar. De balans is een verplicht onderdeel van de jaarrekening. In de begroting wordt geen balans opgenomen. Wel wordt de geschatte ontwikkeling van balansposten gepresenteerd: activa, reserves, voorzieningen, overlopende passiva.

Baten en lasten

De provincie is verplicht het zogenoemde stelsel van baten en lasten toe te passen. Uitgangspunt voor het jaar waarin de lasten worden geraamd, c.q. verantwoord is het (verwachte) mo­ment van prestatielevering. Dit in plaats van het betaalmoment (kasstelsel). Voor subsidiebeschikkingen is de inhoud van de beschikking bepalend in welk jaar de betreffende lasten worden geraamd, c.q. verantwoord.

Begroting

Het overzicht van de geraamde (verwachte) kosten en opbrengsten in een bepaald jaar, opgezet volgens het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De begroting wordt vastgesteld door Provinciale Staten. In tegenstelling tot het rijk is de provincie verplicht met een sluitende begroting te werken.

Begrotingswijziging

Een aanpassing van de ramingen van baten en lasten tijdens het begrotingsjaar. Begrotingswijzigingen wordt vastgesteld door Provinciale Staten, behoudens enkele begrotingswijzigingen die door Gedeputeerde Staten worden vastgesteld.

Begrotingssaldo

Het saldo van in de begroting geraamde baten en lasten in de exploitatie (programma’s).

Besluit begroting en verantwoording decentrale overheden (BBV)

Wettelijk bepaalde voorschriften voor de inrichting van de begroting en de jaarstukken.

Crediteuren

Balanspost (schuld) aan de passivakant van de balans. Indien prestaties door een derde aan de provincie geleverd zijn, maar de betaling in het volgende begrotingsjaar volgt wordt de volledige last in het jaar van levering genomen. Het nog te betalen bedrag wordt als schuld op de balans verantwoord. Deze methodiek vloeit voort uit het stelsel van baten en lasten, waarbij niet het betaalmoment, maar het moment van prestatielevering leidend is voor de ramingen en verantwoording van uitgaven en inkomsten. Zie hierboven bij baten en lasten.

Decentralisatie-uitkering provinciefonds

De verdeling van de decentralisatie-uitkering volgt niet de regels van de reguliere verdeling van de algemene uitkering van het provinciefondsfonds. Anders dan bij de integratie-uitkering, waar de termijn van overheveling naar de algemene uitkering van tevoren vaststaat, ontbreekt bij de decentralisatie-uitkering een dergelijke termijn.

Doeluitkering (of specifieke uitkering)

Door een ministerie aan de provincie verstrekte gelden ter uitvoering van een specifieke taak. Een doeluitkering mag alleen aan het voorgeschreven doel worden besteed.

EMU-saldo

Het EMU-saldo is het totaal aan inkomsten min de uitgaven van het rijk, sociale fondsen en lokale overheden. Hierbij zitten ook inkomsten en uitgaven met een kapitaalkarakter. Zoals aan- en verkopen van grond, investeringen, investeringsbijdragen en opbrengsten uit de verkoop van gas.

IBOI

Prijs bruto overheidsinvesteringen (IBOI): de gemiddelde prijsstijging van de bruto investeringen van de collectieve sector.

Overlopende passiva

Dit betreffen bijdragen van andere overheden voor specifieke doelen. Voor deze bijdragen geldt een verplichting tot terugbetalen in het geval van niet-besteding. De nog te ontvangen of terug te betalen bedragen worden verantwoord op de balans (jaarrekening). De besteding en de daar tegenoverstaande dekking (bate) worden in de exploitatie (programma’s) ten laste van deze balansposten verantwoord. Tegenover de last staat doorgaans een bate met dezelfde hoogte. In de jaarrekening wordt verantwoording afgelegd over inzet en niveau van de overlopende passiva. Het gebruik van overlopende passiva is verplicht op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en gemeenten (BBV).

Exploitatie

De baten en lasten in de beleidsprogramma’s. Dit betreffen de lopende inkomsten en uitgaven met betrekking tot een kalenderjaar, geraamd en verantwoord conform het stelsel van baten en lasten. Dit in tegenstelling tot investeringsuitgaven. Na oplevering van het investeringsproject worden de op de balans geactiveerde uitgaven afgeschreven. De afschrijvingslasten worden in de exploitatie bij de betreffende programma’s geraamd, c.q. verantwoord.

Financiële beheershandeling

Handelingen zoals aanbesteden, inkopen en het verstrekken van subsidies. Deze handelingen leiden tot het verantwoorden van baten, lasten en balansmutaties in de jaarrekening. Financiële beheershandelingen zijn onderwerp van de interne en externe controle op de rechtmatigheid.

Garantie

Zekerheidsstelling door de provincie ten behoeve van derden die een lening aantrekken. Bij derden valt te denken aan bijvoorbeeld gezondheidsinstellingen. Ingeval van wanbetaling zal de provincie de resterende schuld aflossen.

Jaarrekening

Overzicht van de in een bepaald jaar gerealiseerde baten en lasten. In de jaarrekening is een balans opgenomen waaruit de vermogenspositie blijkt.

Jaarrekeningresultaat

Het saldo van gerealiseerde baten en lasten in de jaarrekening. Een positief jaarrekeningresultaat wordt toegevoegd aan de vrij aanwendbare reserve (eigen vermogen). Een negatief jaarrekeningresultaat wordt opgevangen door een onttrekking aan de vrij aanwendbare reserve.

Leges

Leges worden geheven ter dekking van de kosten van provinciale dienstverlening.

Normenkader

Overzicht van wet- en regelgeving (extern en intern) aan de hand waarvan de accountant de rechtmatigheid van de financiële beheershandelingen controleert. In de beleidsprogramma’s wordt de relevante wet- en regelgeving aangegeven.

Planning- en controlcyclus

De jaarlijks terugkerende cyclus van kadernota, begroting, bestuursrapportages en de jaarstukken. Naast de bestuurlijke P&C-documenten (begroting, jaarstukken, bestuursrapportages) worden intern-ambtelijk P&C-documenten onderscheiden: afdelingsplannen/-rapportages, etcetera.

Provinciefonds

Uitkering van het rijk die de provincie in principe vrij mag besteden. Dit ter onderscheiding van doeluitkeringen/­specifieke uitkeringen met een gebonden besteding.

Reserve

Reserves behoren tot het eigen vermogen en kunnen worden ingedeeld in algemene en bestemmingsreserves. Aan bestemmingsreserves is door Provinciale Staten een bepaalde bestemming gegeven. Reserves waar bestemmingen (claims) op rusten bepalen voor een belangrijk deel de beschikbare weerstandscapaciteit.

Voorziening

Voorzieningen behoren tot het vreemd vermogen en geven een schatting van voorzienbare lasten in verband met risico’s en verplichtingen, waarvan de omvang en/of het tijdstip van optreden per de balansdatum min of meer onzeker zijn.
Daarnaast worden middelen van derden waarvan de bestemming gebonden is op grond van het BBV geclassificeerd onder de voorzieningen.

Weerstandsvermogen

Het weerstandsvermogen is een maatstaf om te beoordelen of de provincie in staat is om nadelige gevolgen van risico’s op te vangen. Dit zonder dat daarbij de continuïteit van de uitvoering van taken in gevaar komt dan wel dat het beleid moet worden gewijzigd.
Het weerstandsvermogen is afhankelijk van de ‘benodigde weerstandscapaciteit en de ‘beschikbare weerstandscapaciteit’.

Risicoparagraaf

Onderdeel van de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing waarin wordt ingegaan op risico’s waarvoor geen beheers­maatregelen zoals voorzieningen en verzekeringen zijn getroffen. Indien een risico zich voltrekt komen de hieruit voortvloeiende kosten ten laste van de zogenoemde algemene middelen.

Structurele budgetten

Middelen voor jaarlijks terugkomende uitgaven. 

Niet structurele budgetten

Niet structurele budgetten (o.a. tijdelijke budgetten, reserves en voorzieningen) zijn geraamde uitgaven (lasten) die aan een specifieke periode zijn toegekend.

Categorie A: Overeenkomsten met medeoverheden en andere partijen

Bij deze categorie blijven de begrote middelen beschikbaar voor deze projecten gedurende de looptijd van de overeenkomst.

Categorie B: Meerjarige tijdelijke budgetten

Bij deze tijdelijke budgetten mogen meerjarige verplichtingen aangegaan worden. Aan het eind van het jaar vallen niet bestede gelden vrij naar het rekeningsaldo
De nog openstaande verplichtingen in dat jaar gaan naar de crediteurenpost.
In het geval dat er een overbesteding is na besteding dan zal de overbesteding ten laste komen van het volgende jaar. In dat geval wordt het budget van het volgende jaar afgeraamd ten gunste van de reserve tijdelijke budgetten.

Categorie C: Overige tijdelijke budgetten

Bij deze tijdelijke budgetten mogen geen meerjarige verplichtingen worden aangegaan. Aan het eind van het jaar vallen niet bestede gelden vrij naar het rekeningsaldo.
De nog openstaande verplichtingen in dat jaar gaan naar de crediteurenpost.

Treasury

Het geheel van activiteiten voor het beheer van de liquide middelen (geldstromen) en de financiering van de provinciale taken.